zondag 15 november 2015

Week 47 - Het licht ontstoken ...

Want gij zijt het die mijn lamp weer licht geeft, 
de Ene, mijn God, klaart mijn duisternis op. 
(NB)

U bent voor mij een lamp, Heer;
U, mijn God, licht mij bij in het donker.
(GNB)

Psalm 18:29


Zoals altijd begin ik mijn stukjes met de Bijbelteksten waarover ik ga nadenken en schrijven, en eigenlijk ook altijd in twee vertalingen.
Dit doe ik, omdat het in een andere vertaling net iets makkelijker te begrijpen is, en omdat de vertalingen het soms net ook even anders zeggen.
En soms kom je er daardoor ook achter, dat er heel wat anders staat dan in de meeste vertalingen.
Persoonlijk ga ik dan altijd af op de tekst die in de meeste vertalingen overeen komt.
En laat dit voor deze keer nu van toepassing zijn.
De Groot Nieuws Bijbel die ik zeg maar voor dagelijks gebruik hanteer, zegt deze keer iets heel anders dan de andere vertalingen en daarmee is ook de betekenis van de tekst in één keer heel anders.
Met de GNB-vert. ligt de nadruk op het feit dat de Heer voor ons een lamp is, dat Hij ons bijlicht in het donker, echter bij de andere vertaling(en) ligt de nadruk op het feit dat het licht in ons is gedoofd, dat de duisternis zijn intrede in ons leven heeft gedaan, en dat God het licht weer zal ontsteken en zo onze duisternis zal doen opklaren.
Hoewel het waarheid is dat God een lamp is (Psalm 119:105) is dat niet hetgeen hier van oorsprong wordt bedoeld.
(Helaas heb ik geen Grieks/Hebreeuws/…, dus ik kan het niet verifiëren; maar zoals ik al zei, ik volg de tekst die in de meeste vertalingen (min of meer) hetzelfde is)
Nu dus even omschakelen in mijn gedachten …, maar het blijft een prachtig woord, een grote bemoediging!

Met het nalezen in verschillende vertalingen, deed ik iets dat ik niet zo vaak doe, ik nam ook eens even een kijkje in de King James-vert.; en wat staat het daar mooi!

‘For thou wilt light my candle: the LORD my God will enlighten my darkness.’

De King James zegt: ‘Want U zult mijn kaars aansteken: de Heer, mijn God, zal mijn duisternis verlichten.’
‘U bent het, die mijn lamp weer licht geeft; U, mijn God, de Ene, zal mijn duisternis opklaren!

De Matthew Henri zegt over dit vers:
‘Gij zult mijn geest vol smarten doen herleven en vertroosten en mij niet droefgeestig achterlaten.’
O, welk een vreugde doet mijn hart opspringen; welk een waarheid is dit woord!!!
Mocht ik dit zelf niet onlangs ervaren?

‘Het leven’ is ons gezin niet altijd even welgezind geweest; vele flinke stormen hebben reeds gewoed.
Ziekte, depressies, zelfmoordneigingen/poging(en), automutilatie, klaplongen (met de nodige operaties), recessie, het moeten sluiten van één van onze winkels, Borderline, reuma, …
Hoe zwaar was het vaak niet …
Er waren zeker ook hele mooie en prachtige momenten, momenten waarin God wonderen deed, zegende, uitkomst gaf, de juiste mensen op de juiste tijd, mij heel liefdevol een schop onder mijn achterste gaf, …
Maar de geestelijke druk liet weldegelijk haar sporen na, dat ervoer ik nu we de afgelopen maanden in een rustiger vaarwater kwamen.
Wat was ik moe, zo intens moe!
In het begin huilde ik vaak alleen al van pure vermoeidheid; dan was er niets aan de hand, maar zocht mijn vermoeidheid gewoon een uitweg.
Een lief of vriendelijk woord lieten de tranen stromen, een lied, een beeld …
Hoe vervelend het soms ook was (de momenten waarop zijn niet altijd even handig) ik ervoer wel dat de tranen genezend werkten, en ik hield er rekening mee, dat dit wel eens even de nodige tijd kon duren, er waren immers zoveel jaren van smart geweest.
Maar …

Enkele weken geleden(om precies te zijn een week voor de Vrouwenconferentie), sprak de voorganger van de gemeente waar we momenteel naar toe gaan over de Heilige Geest en de kracht van de Heilige Geest.
Na afloop nam hij de ruimte om te bidden voor wie het nodig hadden, voor genezing, voor …
Mijn man en ik gingen samen naar voren; mijn man heeft RA en zelf tob ik al lange tijd met mijn knie (gewrichten) en mijn luchtwegen.
De voorganger bad eerst voor mijn man en vervolgens voor mij.
Wat hij allemaal precies heeft gebeden weet ik echt niet meer, maar er was een moment dat hij sprak in zijn gebed over de liefde van de Here Jezus en ik brak.
En op het moment dat ik brak en de tranen stroomden en stroomden, zag ik in een beeld de Here Jezus (vraag niet hoe of wat, ik wist gewoon dat Hij het was) naar mij toekomen en Hij nam alles, alle jaren van pijn en verdriet, alle negatieve woorden die over mij waren uitgesproken, van mij af als een mantel en ik ervoer: het is weg; alles, ja, alles is weg!
Weg is de vermoeidheid, weg is de smart, weg is de angst voor …, weg is …
Alles was en is weg, en een diepe, intense vrede en vreugde hebben bezit genomen van mijn hart, ja, van mijn ziel!
Nieuwe kracht doorstroomt mijn ziel, mijn wezen; nieuwe liefde stroomt door mijn aderen; ik ervaar het nog iedere dag.
Tegelijk lijkt het alsof er een bedekking (van de jaren van smart?) is weggenomen en ik weer oog heb voor dingen, die ik eerder niet meer zag.

Als ik dan nu bij dit Schriftwoord kom, daarover wil nadenken en schrijven, en tot de ontdekking kom dat er eigenlijk iets anders staat dan ik dacht toen ik het in de GNB las, dan kan ik niet anders dan dit getuigenis opschrijven en doorgeven, om te bevestigen dat dit woord waarheid is, 100 %.
Hij, mijn Heer en God, heeft mijn geest vol smarten doen herleven, Hij heeft vertroost, Hij liet mij niet droefgeestig achter!
O, welk een vreugde, Hij heeft gedaan naar Zijn woord!

‘Want U zult mijn kaars aansteken: de Heer, mijn God, zal mijn duisternis verlichten.’

‘Want gij zijt het die mijn lamp weer licht geeft, de Ene, mijn God, klaart mijn duisternis op.’


De smarten en droefenissen in dit leven kunnen onze geest zo verduisteren, ons licht doven, klein maken, maar Hij, de Heere onze God, de Allerhoogste, is het die onze lamp weer licht geeft, onze kaars weer aansteekt, onze duisternis verlicht!

Het zijn niet de enige woorden die Matthew Henri schrijft, hij zegt vervolgens:
‘Gij doet mijn lamp lichten om bij dit licht te werken en Gij zult mij een gelegenheid geven om U te dienen en de belangen van Uw koninkrijk onder de mensen.’

God ontsteekt ons licht niet opnieuw om voor onszelf te leven, om te kunnen werken voor ons eigen plezier en genot, maar om te werken in Zijn dienst, tot Zijn eer en glorie, tot opbouw van Zijn koninkrijk.
En in Zijn kracht kunnen we dit ook, is het ook een vreugde om te mogen doen; een ieder op de plaats waar God hem of haar roept en alles tot eer en glorie van Zijn Naam, en opbouw van elkaar, van Zijn koninkrijk.

Er zijn veel dingen veranderd afgelopen jaar, en dit was niet altijd even makkelijk, maar wat blijkt het goed te zijn!
Mijn gedachten worden naar Jesaja 43 geleid, de verzen 18-21.

‘Gedenkt niet wat eerder was,- 
tracht niet alles van vroeger te verstaan:
zie, Ik ga iets nieuws doen, het ontluikt nú, 
hebt ge het nog niet onderkend?- 
ja, Ik leg in de woestijn een weg, 
in de woestenij rivieren;
het wildleven des velds zal Mij eren, 
draken en steppendochters!- 
want Ik zal in de woestijn 
waterstromen geven, 
rivieren in de woestenij, 
om Mijn gemeente, 
Mijn uitverkorene, te drenken,-
deze gemeente die Ik Mij heb gevormd, 
Mijn lof zullen ze vertellen!’

Als ik hierover de Matthew Henri nasla, raken de woorden die hij daar schrijft mij ook diep en doen mij beseffen dat met dit grote wonder van God, de genezing van mijn ziel, Hij mij ook een grote verantwoordelijkheid heeft gegeven.
‘Hoewel vroegere barmhartigheden niet mogen worden vergeten, moeten nieuwe bewijzen van Zijn barmhartigheid op bijzondere wijze ten nutte worden gemaakt.’
Ik heb (nog) geen idee wat God mij met deze verzen wilt zeggen, maar dat zal vast nog wel duidelijk worden.
Voor nu vullen ze mijn hart en ziel alleen al met blijdschap en hoop, en dat is voor nu genoeg.


Het is een ander stukje geworden dan ik in eerste instantie dacht, maar ik kan niet anders dan dit getuigenis geven van het wonder dat Hij in mij heeft gedaan.
Het is mijn gebed dat het je zal bemoedigen, dat als je dit ook nodig hebt, Hij ook jouw licht weer zal aansteken.
Strek je uit naar Hem, naar de waarheid van Zijn woord!
Laat al je wensen onder smeking en dankzegging bekend worden bij God; spreek het uit en vertrouw op Hem, op Zijn woord!
Hij is waarheid en betrouwbaar, en …    onveranderlijk!
Zo dus ook Zijn woord!
Het toont ons wie Hij is, en wie Hij wilt zijn en het is aan ons, aan jou en mij, wat we er mee doen …

Geloof!
Houd vol!
Vertrouw!


Lieve Vader in de hemel, ik dank U nogmaals voor het wonder van genezing van mijn ziel en ik prijs Uw grote Naam!
Here Jezus, dank U wel, dat U het allemaal hebt mogelijk gemaakt door Uw lijden en sterven!
Er zijn geen woorden die kunnen weergeven wat ik precies voel, wat er in mij omging en gaat, maar gelukkig weet U wat ik denk of voel; niets is immers voor U verborgen.
Dank U wel, voor dit woord, dat spreekt over wat U wilt doen in ons leven, terwijl U in mij al gedaan hebt wat Uw woord hier zegt.
Dank U wel, dat U dit samenbrengt en ik hierdoor mag getuigen van Uw liefde en grootheid, van de waarheid van Uw woord.
O, Vader, ik bid zo, dat dit andere mensen zal bemoedigen, maar ook zal aanmoedigen om U te zoeken in Uw woord; wie U zoekt, zal U immers vinden!
Ik bid U ook, Vader, dat het mensen niet zal ontmoedigen, omdat zij al zolang bidden en er ogenschijnlijk niets verandert.
Doe hen door dit stukje heen Uw grootheid zien, Uw liefde, Uw goedheid, Uw trouw, Uw genade en laat hen daaruit kracht putten en vertrouwen.
Bescherm hen, bescherm hun gedachten en vul hen met nieuwe hoop.
Hoop en uitzien naar de dag dat U ook hun lamp weer licht zal geven en de duisternis op doen klaren; hun geest vol smarten zal doen herleven en vertroosten, en dat U hen niet droefgeestig (neerslachtig, zwaarmoedig, somber, verdrietig) zult achterlaten.
Laat ze uw woord aannemen, Vader, in het geloof en vertrouwen dat U Uw woord altijd nakomt.
Ik bid U, Vader, dat U levens aanraakt en verandert, opdat Uw grootheid, Uw liefde en genade gezien zal worden en Uw Naam geprezen tot in alle eeuwigheid.

– Amen –


Geloof en vertrouw!

Soms schijnt ons licht niet zo helder meer,
en soms is zelfs ons licht gedoofd.
De moeiten en zorgen in ons leven
hebben het schijnsel weggeroofd.

Hoewel we weten: Hij is steeds bij ons,
overschaduwt duisternis ons leven.
En met verlangen zien we uit naar de dag
dat Hij het licht terug zal geven.

Laten we Hem vertrouwen op Zijn woord:
God doet wat Hij heeft beloofd!
Zijn woord is waar en betrouwbaar;
de Naam van de Heer zij geloofd!


‘For thou wilt light my candle: 
the LORD my God will enlighten my darkness.’
(King James-vert. Psalm 18:28)

‘Want gij zijt het die mijn lamp weer licht geeft, 
de Ene, mijn God, klaart mijn duisternis op.’
(NB Psalm 18:29)

– Amen –


Gods rijke zegen en Shalom voor de komende week
en een liefdevolle groet,
Rita

* Naar: Matthew Henri

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen