vrijdag 2 juni 2017

De liefde van God zichtbaar in Zijn woord (3 - slot)

Vervolg: 'Gedachten bij Vaders Liefdesbrief'
Deel 3 (slot)


Het mooiste moet echter nog komen.
Want weet je, er komt een dag dat Hij elke traan van onze ogen zal wissen, en alle pijn die je hebt geleden zal Hij wegnemen.
Ik weet niet hoe het bij jou is, maar deze woorden vervullen mij met diepe blijdschap en ontroering, met hoop en uitzicht; wat een enorme troost gaat hier vanuit.
Elke traan zal Hij wissen; alle pijn wegnemen!
Dat betekent dat Hij echt overal bij was en overal weet van had.
Hij heeft het gezien en zal alles voor eeuwig wegnemen.
Eens valt er geen traan meer te huilen; eens zal er een einde zijn aan alle pijn en verdriet.

Met deze woorden moet ik denken aan een gedicht dat ik eens geschreven heb.
Hier even de laatste twee coupletjes.
(Als je het hele gedicht wilt lezen volg dan deze link: >> Ontreddering; even een eindje naar beneden scrollen; ongeveer tot iets voorbij de helft)

‘Mijn lieve kind,
eens neem Ik jou in Mijn armen.
Straks, als je voorgoed bij Mij zal zijn.
Dan zul je pas echt weten,
hoe dicht Ik altijd bij je was,
weet had van al je tranen en al je pijn.
Ik zag werkelijk al je verdriet.
Geloof Me,
Ik vergeet de Mijnen niet.

Eens neem Ik je in Mijn armen
en dan zul je weten,
Mijn Licht heeft je altijd beschenen,
ook al zag je het zelf niet.
Mijn lieve kind,
Ik ben je nooit vergeten,
Ik ben Degene, die alles ziet.’

Zie je, proef je nu, hoeveel Hij van je houdt?
Hij houdt net zoveel van jou als van Zijn Zoon, Jezus!
In Hem heeft Hij Zijn liefde voor ons laten zien; in Hem is Zijn liefde voor ons zichtbaar.
Als je nog even verder meeleest, zul je zo meteen ook ontdekken hoe diep Zijn liefde was en is.
(Openbaring 21:3-4; Johannes 17:23,26)

Het is echter heel belangrijk om eerst te weten dat Hij, Jezus, het exacte evenbeeld is van God.
De Groot Nieuws Bijbel zegt het zo mooi, vind ik:
‘De Zoon –Jezus, is de afstraling van Gods heerlijkheid en de afdruk van Zijn wezen.’
O, ik hoop zo dat God jou iets laat voelen van wat ik ervaar met het lezen van deze woorden.
Als je dus wilt weten wie en hoe God is, dan hoef je alleen maar naar Jezus te kijken.
In de vier evangeliën in het Nieuwe Testament – Mattheüs, Marcus, Lucas en Johannes, kun je alles over Hem lezen.
Maar eigenlijk wordt in de gehele Bijbel al  steeds naar Hem ge- en verwezen.
(Hebreeën 1:3)

En alles is er op gericht om ons te laten zien dat Hij aan onze kant staat en niet tegenover ons.
Men spreekt weleens over ‘voor of tegen’ iemand zijn, nou, God is voor ons, en wel zodanig dat Hij om ons te redden Zijn enige Zoon gaf om te lijden en te sterven voor onze zonden.
Door wat Jezus voor ons heeft gedaan aan het kruis op Golgotha, kijkt Hij niet meer naar onze zonden.
De profeet Micha uit het Oude Testament (>> 7:19) verwijst hier al naar als hij zegt:
‘U zult onze schuld tenietdoen, al onze zonden verwijzen naar de bodem van de zee.’
Corrie ten Boom, een geliefd kind van God die het concentratiekamp ‘Ravensbrück’ heeft overleeft, zei dan dat er dan een bordje bij staat met erop: ‘Verboden te vissen.’

Ja, wij zijn zondaren, maar als we Jezus hebben aangenomen als onze Verlosser en Zaligmaker, staan we voor God als zonder zonden.
Dan ziet Hij Jezus en Zijn volbrachte werk en niet onze zonden.
Jezus stierf zodat God en wij weer bij elkaar kunnen komen; Jezus offer aan het kruis heeft verzoening tussen God en ons tot stand gebracht, waardoor wij nu weer vrij kunnen naderen tot Zijn troon.
Het lijden en sterven van Jezus, Gods eniggeboren Zoon, was de ultieme uiting van Gods liefde voor jou en mij, en dat deed Hij in de hoop dat Hij jouw liefde kon winnen.
Hij gaf het liefste dat Hij bezat op voor jou en mij!
Zoveel hield Hij van ons!
En alles deed Hij om jou, jouw hart voor Zich te winnen, want o, Hij verlangt zo naar jou, naar een leven samen met jou.
(Romeinen 8:31,32; 2 Corinthiërs 5:18-19; 1 Johannes 4:10)

Als je Jezus dus verwelkomt, dan ontvang je Hem ook, want Jezus is als Gods Zoon
onlosmakend verbonden met God en niets zal je ooit nog van Zijn liefde kunnen scheiden.
Wijs Jezus dan ook niet af, want als je Hem afwijst, wijs je ook Gods weg naar verlossing af; er is gewoon geen andere weg tot God.
‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven’, zegt Jezus; ‘Niemand komt tot de Vader dan door Mij.’ (Joh. 14:6)
En weet je wat daarbij ook zo mooi en bijzonder is om te mogen weten, dat niets ons zal kunnen scheiden van Zijn liefde!
Wat er ook gebeurt in ons leven, waar we ook mee te maken krijgen, niets, helemaal niets kan ons scheiden van Zijn liefde!
 (1 Johannes 2:23, Romeinen 8:38-39)

En nu zegt God tegen jou: Komt toch thuis!
Kom toch thuis en Ik geef het grootste feest dat je ooit hebt beleeft.
Als je het verhaal leest waar God deze woorden spreekt, en ook de twee verhalen eronder, dan zul je ontdekken hoe blij God zal zijn als jij thuiskomt en waarom Hij met heel de hemel feest zal vieren.
Want, voor God ben jij immers dat verloren schaap, die verloren cent, die verloren zoon.
En Hij stopt niet met zoeken tot Hij gevonden heeft, zo kostbaar ben jij voor Hem!
Het geeft niet wat je ooit allemaal hebt gedaan of hoe je hebt geleefd, bij Hem is vergeving door Jezus.
Zoals Hij Vader is geweest van iedereen die vroeger in Hem geloofde, van iedereen die nu in Hem gelooft, zo zal Hij ook de Vader zijn van iedereen die nog in Hem gaan geloven.

De enige vraag die nu nog open ligt is: ‘Wil jij Zijn kind zijn?
Mag Hij jouw Vader zijn?
Wil jij Zijn kostbaarste bezit worden, Zijn oogappel? (Psalm 17:8)
Weet je, de Vader wacht op jou.
Zoals de vader uit het verhaal iedere dag op de uitkijk staat naar zijn zoon, zo staat God iedere dag op de uitkijk naar jou.
Hunkerend en verlangend naar jouw thuiskomst, zodat Hij jou in Zijn armen kan sluiten.
(Lucas 15:7, 11-32, Efeziërs 3:14-15, Johannes 1:12,13)

En dan zijn we gekomen aan het einde van de brief, en dus bij de afzender: je Vader, Almachtig God.
Abba – Papa.

Ik hoop toch zo, en dat was van begin af aan mijn gebed, dat je de brief hebt uitgelezen en dat je geraakt ben door Zijn liefde.
Dat je zelfs zo geraakt ben door Zijn liefde dat je niet anders kunt dan je hart aan Hem geven.
Dat je ‘Ja’ zegt tegen Jezus, Hem verwelkomt in je leven als je Verlosser.
Dat je je zonden belijdt en erkent dat je Zijn vergeving nodig hebt, zodat Vader God je in Zijn armen kan nemen en tegen je kan zeggen: ‘Welkom thuis, Mijn zoon; welkom thuis, Mijn dochter!’

Maar misschien ken jij God al(lang) als Vader, en lees je deze brief wel voor de zoveelste keer, gewoon omdat je hem zo mooi vindt, dan nog hoop en bid ik dat je opnieuw gegrepen zult zijn door Zijn ontzagwekkende liefde en dat de betekenis van het woord Vader een nieuwe dimensie heeft gekregen.
Maar ik hoop en bid ook, dat je Zijn liefde (opnieuw?) hebt ontdekt in Zijn woord, en dat je er naar verlangd om nog meer van Zijn liefde te ontdekken in Zijn woord, de Bijbel, want dit was er slechts een fractie van.
En dat je door het lezen van Zijn woord, door het steeds meer ontdekken van Zijn Liefde in Zijn woord, je dichter tot Hem mag groeien en je relatie met Hem zal verdiepen.


Lieve Vader in de hemel, nu ik aan het einde gekomen ben van deze brief en daarmee ook van mijn schrijven over Uw liefde die zichtbaar is in Uw woord, wil ik U zeggen dat ik me er bewust van ben dat dit slechts een fractie is van Uw zichtbare liefde in Uw woord.
Uw gehele woord, - de Bijbel, is immers één grote brief vol liefde aan ons.
Want alles wat U daarin heb laten opnemen getuigt van wie U bent en Uw grote liefde voor ons.
Ik bid, dat een ieder die ooit de ‘Liefdesbrief’ in handen krijgt, hem zal lezen en nooit meer dezelfde zal zijn.
Werk met Uw Heilige Geest door deze brief, en door dit schrijven heen, opdat nog velen U mogen leren kennen en in U zullen gaan geloven.
En dat Uw woord ons dierbaarder zal worden dan welk ander boek dan ook; omdat U het bent die daardoor heen tot ons spreekt.
Soms Vader, misschien wel vaker dan ons lief is, begrijpen wij Uw woord niet zo goed, of helemaal niet, en is het daardoor een gesloten boek voor ons, dan bid ik U om de wijsheid van Uw Geest –waar wij vrij om mogen vragen zegt Uw woord, en om openbaring van U, op welke wijze dan ook.
Opdat onze liefde voor U mag groeien met dat we U meer en meer leren kennen.
Opdat ons leven heiliger mag worden, en tot een aangenaam reukwerk voor U.
In Jezus’ Naam.

- Amen -


O Heer,
hoe zichtbaar is Uw liefde in Uw woord;
iedere bladzijde getuigt daarvan.
Och, namen we toch maar de tijd
om te ontdekken hoe U steeds weer
vol liefde tot ons allen spreekt.
Dan zouden we zien hoe alles verbleekt;
ja, in het niet valt bij wat U zegt.
Als we de rijkdommen ontdekken,
die U ons geeft voor iedere dag,
zal er niets zijn wat ons meer bekoort.


Gods rijke zegen bij het meer en meer ontdekken van Gods liefde in Zijn woord.

Een liefdevolle groet,
Rita



>> Vadersliefdesbrief

donderdag 1 juni 2017

De liefde van God zichtbaar in Zijn woord (2)

Vervolg 'Gedachten bij Vaders Liefdesbrief'


Ik schreef al eerder over de zondeval; over de duivel die heerst in deze wereld en die echt van alles probeert om ons mensen bij God vandaan te houden, of om ons tegen Hem op te zetten.
En zo kan het gebeuren dat mensen die God niet kennen, toch doen alsof ze namens Hem spreken.
Zo zijn er al de meest verschrikkelijke dingen gebeurd en gezegd, waardoor mensen –misschien jij ook wel, ontzettend zijn gekwetst en beschadigd, bij God vandaan gehaald of gehouden, en nog erger, zijn vermoord.
Als we terugkijken in de geschiedenis dan lopen werkelijk de rillingen over je rug, zo schokkend is het soms.
Maar echt, zij die zeiden namens God te spreken en te handelen, kenden Hem niet echt, want God is geen God van ver weg en van kwaad.
Hij is volmaakte liefde, en het is Zijn verlangen om ons te overladen met Zijn liefde, gewoon omdat Hij onze Vader is en wij Zijn kinderen.
(Johannes 8:41-44, 1 Johannes 4:16, 1 Johannes 3:1)

Misschien vind je dit laatste wel erg moeilijk omdat je of geen vader hebt gehad, of één die nooit thuis was, of die jou niet zag staan, of die jou misschien helemaal niet wilde, of misschien zelfs mishandelde.
Maar God is niet te vergelijken met onze aardse vaders.
Hij is en geeft veel meer dan hen.
Aardse vaders schieten te kort en doen dingen verkeerd; kunnen handelen uit egoïsme, of projecteren hun frustraties op hun kinderen, of …; de meest afschuwelijke dingen kunnen gebeuren door de persoon die vader heet.
Maar God is de perfecte Vader!
Alles wat Hij doet komt voort uit Zijn liefde voor ons; altijd heeft Hij het beste voor ons voor ogen.
Ook ik begrijp Zijn wegen vaak niet, maar ik weet dat God is God, en dat Zijn wegen en gedachten zoveel hoger zijn dan die van ons. (>> Jesaja 55:8,9)
Maar Hij heeft mij Zijn liefde en trouw al zo vaak laten zien, en ook doen ervaren, dat ik weet dat Hij, en daarmee wat Hij zegt, betrouwbaar is.
(>> Mattheüs 7:11; Mattheüs 5:48)

Weet je, al het goede komt uit Zijn hand.
Mensen willen je heel vaak anders doen geloven; ze geven God heel vaak de schuld als er iets ergs gebeurd, maar het tegendeel is waar.
Al het slechte en verkeerde in deze wereld komt voort uit onze eigen slechte en boze verlangens, uit de verkeerde keuzes die wij maken, dingen die wij wel of niet doen.
Het zijn gevolgen van het ongehoorzaam zijn aan onze God en Vader, en het luisteren naar de vijand, de duivel.
God is goed, en geeft alleen het goede.
Meer nog dan dat, Hij geeft alles wat we nodig hebben!
Onze aardse vader en moeder weten ook wat we nodig hebben, en meestal geven ze dat hun kinderen ook.
Maar op deze aarde gebeurt het helaas ook, dat hoewel ze het weten, het toch niet doen.
Maar zoals ik al eerder zei, God is anders dan onze aardse vaders, Hij is de perfecte vader en geeft wat we nodig hebben.
(Jacobus 1:17; Mattheüs 6:31-33)

Zo is Zijn plan voor onze toekomst altijd vol hoop geweest.
Dit kan ook niet anders, want Hij houdt van ons met een eeuwigdurende liefde.
Weet je nog, vanaf de moederschoot …; weet wat we nodig hebben …;  de perfecte Vader …
Misschien is het heel moeilijk voor je dat er iemand is die niet alleen zegt dat Hij van je houdt, maar dat Zijn liefde zelfs eeuwig is.
En ja, met alles wat we om ons heen zien gebeuren, wat mensen elkaar aandoen, zelfs mensen die eens zeiden van elkaar te houden …
Maar houdt dan dit opnieuw voor ogen: God is anders; God is niet als wij mensen.
God is God, onveranderlijk en eeuwig, dus ook in Zijn liefde.
Vandaar dat Zijn plannen voor ook altijd vol hoop zijn; maar daar vertel ik straks nog iets meer over.
(Jeremia 29:11; Jeremia 31:3)  

Wat je misschien ook nog niet wist, en wat je je misschien nauwelijks voor kunt stellen, is dat Hij heel veel aan je denkt en zelfs een lied van blijdschap over je zingt.
Ontelbaar en kostbaar zijn Zijn gedachten, met blijdschap verheugt Hij Zich over je en met gejubel juicht Hij over je.
Daar word je toch stil van …
Ook zal Hij niet stoppen met het goede voor je te doen, want als Zijn kind ben je Zijn kostbare bezit.
Zijn kostbare bezit word je als je Jezus, Gods eniggeboren Zoon hebt aangenomen als Verlosser en Heer (iets verderop kun je daar meer over lezen).
Dan ben je apart gezet om Hem lief te hebben, te eren en te dienen en om straks voor altijd bij Hem te zijn.
Daarnaast vertelt ‘Zijn kostbare bezit zijn’ ons ook dat we een ‘gekoesterd en geliefd, een zeer waardevol eigendom’ zijn.
Ik las ergens dat je wel kan zeggen dat we daarmee een lievelingsstatus hebben verkregen.
Het laat dan duidelijk zien dat hier dan sprake is van een bijzondere relatie.
En daarom zal Hij ook niet stoppen met het goede voor je te doen.
Hij wil je gewoon graag laten zien wie Hij is; dat Hij alleen God is, en alle macht heeft.
Vraag Hem, - Hij vindt het zo fijn als mensen met vragen bij Hem komen, en Hij zal je zeker ook antwoorden, en je grote en verbazingwekkende dingen laten zien.
(Psalm 139:17,18; Zefanja 3:17, Exodus 19:5; Jeremia 32:40,41; Jeremia 33:3)      

Misschien was of ben je al wel naar Hem op zoek; en lukt het je niet om Hem te vinden;  vraag je je daardoor misschien wel af wat Hij bedoelt met Hem zoeken met je hele hart, en dat je Hem dan zult vinden.
Met heel je hart …
Eigenlijk kun je zeggen, met alles wat in je is; dat alles moet wijken, er niets zo belangrijk is dan dat.
En als je Hem zo zoekt, met een oprecht hart en met alles wat in je is, dan zul je Hem vinden, want dat is ook Zijn verlangen.
(Deuteronomium 4:29)

En als we God leren kennen, en Hem tot de vreugde van ons hart maken (verheug je in Mij) dan belooft Hij dat hij je al de verlangens van je hart zal geven, verlangens, die Hij er Zelf in heeft gelegd.
Weet je, ten diepste is het grootste verlangen van de mens, - de hunkering van zijn ziel, God kennen.
Augustinus, een oude kerkvader heeft ooit eens gezegd: ‘Onrustig is ons hart tot het rust vindt in U’.
En zo is het ook, want we zijn door God geschapen, dus horen we in wezen bij Hem.
Zolang ons hart echter bij Hem vandaan is, zullen we onrustig blijven, zal ons hart zoekende zijn en blijven, en verlangen naar van alles en nog wat.
(Psalm 37:4; Filippenzen 2:13)

O, en God kan nog zoveel meer voor jou en mij doen, meer dan we ooit kunnen beseffen.
Paulus schrijft deze woorden eigenlijk in een gebed voor de Efeziërs naar God toe.
Hij vraagt dat God hen door Zijn Geest kracht geeft om innerlijk sterk te zijn, zodat hun hart door het geloof een blijvende woning kan zijn voor Zijn Zoon, Jezus,.
Dat ze ‘geworteld en verankerd’ mogen zijn in de liefde en dat ze met iedereen die Hem toebehoren in staat zullen zijn om te bevatten hoe groot Zijn liefde wel niet is; een liefde, die elk verstand te boven gaat.
En of ze toch geheel vervuld mogen worden met de volheid van God, met Jezus, die de belichaming is van Zijn volheid.
En zo wil Paulus aan Hem de eer geven met de erkenning dat Hij, alleen al op grond van de kracht die nu al zichtbaar is in Zijn kinderen, nog veel meer kan dan wij kunnen bidden of beseffen.
God is zo groot, zo machtig, zo …. alles …, dat wij als mens hier op aarde nooit in staat zullen zijn om dat te bevatten.
(Efeziërs 3:20)

En deze grote, ontzagwekkende God, is tegelijk ook Degene die je het meest aanmoedigt; de Vader die je troost in elk verdriet, en die dicht bij je is als je terneergeslagen bent.
Ja, zoals een herder een lam draagt, zo dicht wil Hij je aan Zijn hart dragen.
Hij is het die ons steeds door en met Zijn woord bemoedigt, ons hoop geeft en versterkt; ons aanmoedigt om vol te houden.
Hij heeft nooit gezegd dat het makkelijk zal zijn, maar wel dat Hij er altijd voor ons zal zijn.
Hij keert Zich niet van je af als je verdriet hebt of het niet meer ziet zitten zoals mensen dat soms kunnen doen.
Nee, als een liefdevolle Vader buigt Hij Zich naar je toe en neemt Hij je als het ware in Zijn armen en troost je.
Hij is altijd maar één gebed bij jou vandaan!

Heb je trouwen weleens een afbeelding gezien van een herder met een lammetje in Zijn armen?
Wat straalt daar een liefde en zorg van uit, vind je niet?
Het mooie van dit lam in de armen van de herder is, dat het heel dicht tegen het hart van de herder aanligt en zo dicht wil God jou en mij ook bij Zich dragen.
Jezus, Gods Zoon, vergelijk Zichzelf met ook met een herder, de Goede Herder.
In Johannes 10:1-16 in de Bijbel kun je precies lezen wat Hij daarmee bedoelt.
Volg de link onder de Goede Herder maar. https://herzienestatenvertaling.nl/teksten/johannes/10/
Het is echt geweldig om te lezen hoe groot de zorg en liefde van deze Goede Herder is voor jou en mij.
(2 Thessalonicenzen 2:16-17; 2 Corinthiërs 1:3-4; Psalm 34:19; Jesaja 40:11)


Wordt vervolgd ...



>> Vadersliefdesbrief

woensdag 31 mei 2017

De liefde van God zichtbaar in Zijn woord (1)

Dit keer heeft het schrijven me niet alleen heel veel tijd gekost om te schrijven, ook kwamen er enkele andere belangrijke dingen bij, waardoor ik geen tijd had om het eerder te plaatsen.
Het is ook deze keer echter weer te lang geworden om in één keer te plaatsen, dus ook nu plaats ik het in drie keer op mijn blog.


Neem de tijd …


Met dat ik gisteren (28 april) met mijn Stille Tijd word stil gezet en tot nadenken gebracht over Gods woord, over de beloften die Hij geeft in Zijn woord en hoe wij toch steeds weer naar God toe mogen gaan, Hem Zijn woord voor mogen houden en mogen pleiten op de beloften die Hij aan ons heeft gedaan, komt ook de gedachte binnen hoezeer Gods liefde toch zichtbaar is in Zijn woord.
God, de Allerhoogste, spreekt tot ons mensen door Zijn woord -de Bijbel, het door de Heilige Geest geïnspireerde boek.
Alles wat we in dit leven maar nodig hebben, alles om Hem te leren kennen, alles aan onderwijzing, troost, hoop, bemoedigingen, antwoorden,  …, alles kunnen we vinden in Zijn woord.
(Ik wil bij het woord ‘antwoorden’ wel even opmerken, dat dit niet betekent dat we op al onze vragen het antwoord krijgen dat we willen horen; soms zegt God ook tegen ons ‘Mijn genade is jou genoeg’, of ‘Mijn gedachten en Mijn wegen zijn hoger dan jouw wegen’.
En laten we daarnaast ook niet vergeten, dat ook ‘nee’ een antwoord is.)
Maar in alles, door heel Zijn woord heen, is Gods liefde zichtbaar.
Van het begin tot het einde, van de eerste tot en met de laatste bladzijde, getuigt Zijn woord van Zijn liefde voor ons mensen.
Creëert Hij op de eerste bladzijde een prachtige wereld voor ons, op de laatste bladzijde belooft Hij ons, dat als onze gewaden witgewassen zijn door het bloed van Jezus, we recht(macht) hebben op de vrucht van de Levensboom en de poorten van de stad mogen binnengaan.
Hij heeft ons lief van nog voor Hij ons geschapen had tot zelfs na de zondeval.
‘Mens, waar ben je’ riep Hij, nadat Eva en Adam gezondigd hadden, en ondanks hun ongehoorzaamheid zocht Hij hen, en redde Hij hen en ons. (Gen. 3:9)
Zijn liefde verdreef hen uit het Paradijs, zodat ze niet van de Boom des Levens zouden kunnen eten, en Hij had Zijn plan (Jezus) al klaar om de breuk die was ontstaan tussen de mens en Hem, te herstellen. (Genesis 3:22)
En alles is opgeschreven zodat we Hem kunnen leren kennen en dichter tot Hem kunnen groeien; Zijn liefde voor ons kunnen ontdekken en een leidraad hebben voor ons leven.
Eigenlijk kun je zeggen dat de Bijbel Gods liefdesbrief is aan ons; wat mij betreft zou dat op iedere voorkant van de Bijbel mogen staan:
Bijbel
Gods liefdesbrief aan jou

En als het Zijn liefdesbrief is aan ons, dan is het ook niet zo moeilijk om Zijn liefde erin te ontdekken.
Wat ik wel heel moeilijk en lastig vond, was het wat, waar en hoe in woorden te vangen.
Tot het vanmorgen (het is inmiddels 6 mei) ineens tot mij doordrong hoe ik Gods woord hierboven had genoemd, namelijk Gods liefdesbrief en het bracht mij bij ‘Vaders Liefdesbrief’, die velen van ons ongetwijfeld kennen.

Op Internet kwam ik met mijn zoeken naar deze Liefdesbrief op de site van Wouter van der Toorn, en via zijn schrijven bij de maker en site van de brief, Barry Adams.

Ik luisterde en las de woorden mee van het filmpje dat met het openen van de site  in beeld komt en wist, dit geeft in het kort alles weer.
Geen enkel woord uit deze Liefdesbrief is mij onbekend, maar het is ook goed om je steeds opnieuw te verdiepen in Gods woord(en), en dus ga ik er eens voor zitten om de woorden van deze Liefdesbrief zelf uit te schrijven en er over na te denken.

Misschien klinkt het je allemaal heel vreemd in de oren, en snap je er niet veel van, begrijp je het niet; of misschien zijn ze je wel bekend, maar heb je er nog niet eerder dieper over nagedacht, hoe dan ook, ik wil je uitnodigen om (nog eens) samen met mij de brief door te nemen, en voel je vrij om ook te reageren op wat je leest; ook ik heb namelijk nog een hoop te leren en heb de wijsheid niet in pacht, maar wel een hart vol liefde voor Hem en om wat op mijn hart komt van Hem met jou te delen.


De liefde van God (zo) zichtbaar in Zijn woord.
Focus.
Neem de tijd.
De schoenen uit …


Gedachten bij Vaders Liefdesbrief
Een intieme boodschap van God aan u.


De brief begint met de aanhef ‘Mijn kind’, gevolgd door dat we Hem misschien niet kennen, maar dat Hij wel alles over ons weet.
Als je God niet persoonlijk kent, dan vind je deze aanhef waarschijnlijk heel erg raar.
En dat is best logisch, want als iemand jou aanspreekt als ‘Mijn kind’, dan geeft die persoon er mee aan dat hij je vader is.
Je zult toch maar ineens zo’n brief op je deurmat, of op je tafel, of zoals hier op je beeldscherm vinden, die zo begint.
Maar, misschien ben je toch ook wel een beetje nieuwsgierig geworden; je ziet immers in één oogopslag, dat de schrijver aangeeft dat je Hem misschien niet kent.
Wie zou jou nu zoiets schrijven, wie stuurt jou deze brief en wie noemt jou nu ‘Zijn kind’.
En wat zal er nog meer in die brief staan …
Ik hoop en bid dat je niet direct naar beneden gescrold hebt naar de afzender en de brief vervolgens gelijk hebt weggeklikt, maar dat je hem toch even helemaal hebt gelezen en dat je ook mijn gedachten erbij nog even wilt lezen.
Dan zul je ook gaan begrijpen waarom Hij jou ‘Mijn kind’ heeft genoemd.


De brief vervolgt:
Je kent Mij misschien niet, maar Ik weet alles over je. Ik weet het wanneer je zit en wanneer je weer opstaat. Alles wat je doet is Mij bekend.
Misschien begin je je nu een beetje oncomfortabel te voelen, want ja, Iemand die schrijft dat Hij alles over je weet, terwijl jij Hem niet of nauwelijks kent, dat is toch wel een beetje creepy, een beetje raar en eng.
Of vind je het te belachelijk voor woorden dat Hij schrijft dat Hij zelfs het aantal haren op je hoofd geteld heeft?
Misschien heb je deze brief nog net niet weggeklikt; heb je zoiets van, nou, alleen nog even kijken wat zij erover zegt, maar dan hoop (en bid) ik, dat er iets in jou zich roert waardoor je hem toch helemaal gaat lezen en hier meeleest.
Want weet je, je hoeft helemaal niet bang te zijn voor deze Persoon die alles van je weet, en noch is het te belachelijk voor woorden dat het aantal haren op je hoofd bij Hem bekend is.
Als je verder met me meeleest, zul je dat ook zelf ontdekken.
(>> Psalm 139:1-3; >> Mattheüs 10:2,30)

Wist je trouwens dat je zelfs naar Zijn evenbeeld bent gemaakt? (>> Genesis 1:27)
Nee, dit wil niet zeggen dat je er nu precies hetzelfde uitziet als Hem; God heeft geen lichaam, God is Geest.
Het maakt ook geen verschil of je nu een man of een vrouw bent, want God heeft beiden naar Zijn beeld geschapen, en dat wil zeggen: goed en volmaakt.

Veel mensen worstelen met hun identiteit; met de vraag wie ze nu toch zijn, misschien jij ook wel.
We weten immers niet altijd wat onze echte en ware identiteit is.
Ons zelfbeeld kan zo vervormd zijn door de wereld (en de vijand, de duivel, van oorsprong de hoogste engel van God, maar die tegen God in opstand is gekomen; hij wilde zelf God zijn), dat we leven vanuit een verkeerd denkbeeld.
Maar als we teruggaan naar onze Maker, naar Hem naar wiens evenbeeld we geschapen zijn, dan vinden we onze ware identiteit.
Dan zijn het niet meer wijzelf, of mensen, of omstandigheden, of wat dan ook, die bepalen wie wij zijn, maar wie Hij is en wat Hij over ons zegt.
En Hij zegt: ‘Je bent gemaakt naar Mijn evenbeeld: goed en volmaakt.’

De mens, dus ook jij als je Hem nog niet kent, is voortgekomen uit Zijn verlangen.
Alleen als Zijn kind is alles van ons leven met Hem verweven.
Je zou kunnen zeggen dat we dan in Hem leven, bewegen en bestaan. (Handelingen 17:28)

Je leven is ook geen vergissing, want nog voordat je verwekt werd kende Hij je al; nog voor de wereld gemaakt werd heeft Hij je al uitgekozen.
Sterker nog, elke dag van je leven stond al opgeschreven in Zijn boek.
Hij is het die bepaalde waar en wanneer je geboren werd.
(Psalm 139:15; Jeremia 1:5; Efeziërs 1:4; Psalm 139:15,16; Handelingen 17:26)

Misschien kun je je dit helemaal niet voorstellen.
Misschien word je wel heel boos als je dit leest.
Misschien wil je juist door waar en hoe je bent opgegroeid wel niets van Hem weten, want als Hij Zich jou Vader noemt, en dit alles dan zo regelt, dan …
Maar weet je, God is niet verantwoordelijk voor de puinhopen die wij mensen er van maken.
Ieder van ons maakt zijn eigen keuzes, goed en fout, en de gevolgen daarvan zijn – al dan wel of niet zichtbaar/merkbaar, voor onszelf of voor anderen.
Ja, zeg je nu misschien, maar als Hij God is, dan had Hij het wel allemaal kunnen voorkomen, en het allemaal kunnen veranderen.

Weet je, toen ik net schreef dat we naar zijn naar Zijn evenbeeld zijn geschapen, dan omvat dat nog meer dan goed en volmaakt, - wat overigens door de zondeval te niet is gedaan.
Maar goed, naar Zijn evenbeeld geschapen zijn wil ook zeggen, met een eigen wil, met eigen keuzes, en verantwoordelijkheden.
God schiep alles wonderlijk mooi en perfect: aarde, dieren en de mens, en het was de bedoeling dat de mens zou zorgen voor Zijn schepping.
Maar, hoewel de mens ‘bijna goddelijk was gemaakt’ (>> Psalm 8), was hij daar niet tevreden mee en wilde zijn als God (>> Genesis 3)
Het was dus de keuze van de mens zelf om tegen God in opstand te komen, en daardoor werd alles wat eens zo goed, mooi en volmaakt was, vernietigd.
Maar al deze dingen doen niets af aan Zijn liefde voor jou, het doet niets af aan het feit dat Hij je gewild heeft en dat je daarom bent geboren; zelfs op die plek en in die omstandigheid.
Want in Zijn grote liefde had Hij ook al een oplossing klaar om de verbroken relatie tussen de Hem en de mens te herstellen, waardoor jij ook kunt genezen van al je pijn en verdriet, maar daar kom ik later nog op terug.

Eerst wil ik je nog meenemen naar het feit hoe prachtig je bent gemaakt; hoe kunstig Hij je heeft gemaakt in de buik van je moeder.
(Psalm 139:14; Psalm 139:13)

Ik heb zelf geen woorden die kunnen beschrijven hoe kunstig en hoe prachtig Hij je heeft gemaakt, ons allen heeft gemaakt.
Men zegt weleens ‘woorden schieten mij te kort’, nu, als het gaat over het ontstaan van ons leven, hoe Hij ons heeft gemaakt, dan schieten mij echt woorden te kort.
Ik wil je daarom even meenemen naar een prachtig filmpje wat dit in het kort laat zien.
>> Het wonder van conceptie tot geboorte

Ik weet niet wat er door jou heen gaat als je deze beelden ziet, maar bij mij liep een traan van ontroering en bewondering over mijn wang.
Is het niet prachtig; is het niet kunstig?
Zijn we eigenlijk niet allemaal ware kunstwerken?

Helaas is de zonde de wereld ingekomen en met de zonde de gebrokenheid, ziekte, ontevredenheid, andere maatstaven dan die van God enz. enz.
Misschien ben je wel anders dan de gemiddelde mens geboren en lijdt je onder hoe iedereen naar je kijkt en met je omgaat.
Misschien heeft het leven wel allerlei sporen achtergelaten; misschien zie je er niet (meer) uit zoals je graag zou willen, maar weet je, je bent en blijft een waar kunstwerk van Zijn hand en Zijn liefde is niet afhankelijk van welke littekens je met je meedraagt, nog van met welke verminkingen, of  hoe je ter wereld bent gekomen.
Wij mensen, ja, wij mensen beoordelen elkaar naar hoe we eruit zien, en of iemand ‘mooi’ is enz., maar Hij niet, Hij ziet voorbij al deze dingen, Hij ziet jou!
Hij ziet jou als persoon: kunstig en prachtig gemaakt!
Ik zei, Zijn maatstaven zijn heel anders dan die van de wereld.

De duivel heeft het in deze wereld voor het zeggen gekregen en waar het maar mogelijk is, zal hij er alles aan doen om er o.a. voor te zorgen dat mensen ontevreden over zijn of worden over zichzelf; het liefst ziet hij dat ze zichzelf gaan haten en verminken op welke manier dan ook, omdat hij weet dat dit hun Schepper enorm veel verdriet doet.
Hij maakt ideaalplaatjes en doet mensen geloven dat ze alleen van waarde zijn, alleen iets kunnen bereiken, als ze daaraan beantwoorden.
En wij mensen lopen er met open ogen in.
De één wordt er ontevreden door en krijgt een hekel aan zichzelf, anderen nemen het over en leggen het ook weer aan anderen op.
En het is heel verdrietig maar waar, ook onder Gods kinderen gebeuren deze dingen, terwijl wij het juist anders zouden moeten doen, omdat we beter weten.
Ik wil jou daarom ook als kind van God om vergeving vragen als ik, of anderen, jou ooit iets dergelijks hebben aangedaan.
Vergeef ons, dat we soms net zo hard en wreed zijn als de wereld.
Luister toch niet naar ons, naar de wereld, en lees maar snel wat de afzender van deze brief over en tegen  je zegt.

Want, nadat Hij je zo mooi en kunstig maakte, kwam de dag dat je helemaal ‘af’ was, en toen je werd geboren, was Hij ook daar bij.
Je zou eigenlijk kunnen zeggen dat Hij de eerste was om je te verwelkomen.
Niet de verloskundige, of je vader of moeder, maar Hij, Degene die jou zo prachtig heeft gemaakt in de buik van je moeder.
Dus, als je niet gewenst was, werd weggegeven, of ergens achtergelaten, of …, onthoudt dan dit: er is altijd Iemand die oneindig veel van je houdt; die je heeft gewild, en die je welkom heette in deze wereld.
(Psalm 71:6; Jesaja 46:3b,4 → eigen toevoeging)    


Vervolg morgen ...



>> Vadersliefdesbrief

vrijdag 14 april 2017

De liefde van God zichtbaar in Zijn genade (3 - slot)

Neem de tijd ...

God geeft niet naar dat wij verdienen, maar schenkt ons in Jezus, genade op genade.
Zo ook als het gaat om het volgende.
Zolang ik me kan herinneren heb ik ook gezongen wanneer ik maar kon.
Als kind urenlang op de schommel, op de zondagsschool van de Hervormde kerk, later met anderen op speciale avonden van de Chr. Gereformeerde kerken in de regio.
Ik zong op de fiets, op school in Utrecht, tijdens mijn werk.
Met mijn vader op zaterdagmiddag in de kerk waar hij als organist de sleutel van had; en och, wat zong dat geweldig en wat klonk dat mooi!
Of ook bij het orgeltje dat we thuis hadden, of samen met mijn moeder bij de vaat.
Eens heb ik me opgegeven voor een zangwedstrijd van de EO, maar ik heb nooit het lef gehad om te gaan, mijn angst en onzekerheid zorgden ervoor dat ik het afzei.
Echter door het roken verloor mijn stem haar glans, en op een gegeven moment was er niet zo veel meer van over.
Zingen deed ik nog steeds graag, maar zoals vroeger, nee, dat was voorbij.
Toch ben ik blijven zingen, ook in de moeilijke jaren die kwamen.
De aanbiddingsavonden van de gemeente waar we toen nog lid van waren, werden mijn zingende-met-gebroken-hart-en-stem-voorbede-en-staande-blijfavonden.
Ik denk dat ik daar geleerd heb, pas ingezien heb, wat een lofoffer werkelijk inhoudt.
>> Broken Hallelujah - Gebroken Halleluja

Inmiddels is het alweer heel wat jaar geleden dat ik op Goede Vrijdag gestopt ben met roken, ik ben de tel kwijt geraakt, maar niet het besef van het Genadegeschenk dat God mij heeft gegeven (naast Zijn hulp, waardoor het dit keer ook echt gelukt is), namelijk mijn stem terug om Hem de lof en eer toe te zingen en nu ook in het Aanbiddingsteam van onze gemeente.
En dat op mijn leeftijd!
Welk een trouwe en liefdevolle God is HIJ!


Wat God mij door Zijn Geest ook heeft laten zien en heeft geleerd, is de kracht van Zijn woord.
Het was op een dag dat ik de wanhoop nabij was, en niet meer wist wat ik nog kon doen, en ook niet meer wist hoe of wat te bidden.
Het was op die dag, dat Gods Geest mij drong om Gods woord te openen en allerlei Bijbelteksten uit te schrijven.
Eerst allemaal teksten waarin wanhoop doorklonk, uitroepen om Zijn hulp en redding, en vervolgens allemaal Bijbelteksten waarin doorklonk wie Hij was, en wat Hij allemaal heeft gedaan enz.
Vervolgens heb ik midden in de kamer hardop alles opgelezen en mijn wanhoop verdween en maakte plaats voor stille vrede in mijn hart.
Ik wil niet zeggen dat ik het nu helemaal voor elkaar heb, echt niet, maar de herinnering aan deze middag, aan dit moment, staat in mijn geheugen gegrift en brengt mij met iedere moeilijkheid bij Zijn woord.
Zijn woord stellen tegenover wat mij wanhopig maakt, tegenover mijn moeilijkheden en problemen, het verlegd eenvoudig mijn aandacht van mijzelf naar Hem en dat maakt dat ik veel meer aankan dat ik ooit had gedacht.
De moeilijkheden en problemen gaan niet weg, maar ik word er dan wel steeds weer bij bepaald Wie het is die mij bijstaat en helpt.
Een leerproces voor de rest van mijn leven, een keuze die ik steeds opnieuw moet maken.
Maar wat een Genade, wat een liefde, dat Hij mij zo tegemoet kwam (en komt) in mijn wanhoop.


In mijn raamkozijn staat een knipwerkje van een vogelkooi met een geopende kant; ooit gekregen van een lieve ‘zus’, die één van mijn stukjes had gebruikt op een Vrouwenochtend en die iemand tegen kwam die mij weer kende.
De vogelkooi is voor mij van grote betekenis, want het brengt de herinnering terug in mijn gedachten aan de toespraak van Margreet van Straalen  ‘Van afwijzing tot aanvaarding’, een toespraak die we met een groepje vrouwen hebben geluisterd en die ik vervolgens helemaal heb uitgeschreven en uitgespit.
Het bracht mij bij het feit dat ik (door allerlei omstandigheden) was als die vogel in die kooi met geopend deurtje was, vrij en toch gevangen.
Vrij om te gaan en staan, maar gevangen door de angst voor het onbekende; gevangen door een vals gevoel van veiligheid, want laten we eerlijk zijn, hoe ‘onprettig’ soms iets ook kan zijn,
als dat het enige is dat we kennen, dan kan dat ook een bepaald gevoel van veiligheid geven.
Maar God gaf mij met het inzicht ook de kracht en moed om die ‘valse, veilige’ plek te verlaten en ik legde mijn hand in die van Hem, en zo gingen we samen op weg.
En welk een bijzondere wereld is er niet voor mij opengegaan!
>> Mijn geliefde dochter (vervolg)
Ja, het was doodeng, het heeft heel wat gekost, maar het was het allemaal waard!
Wat was die toespraak een Genadegeschenk, wat waren het (meerdere keren) luisteren en uitschrijven ervan Genademomenten, welk een inzichten gaf Hij mij niet wat betreft de blokkades en dergelijke die er waren in mijn leven; wat is Zijn liefde daarin zichtbaar!

>> Van afwijzing tot aanvaarding (toespraak van Margreet van Straalen – even naar beneden scrollen en onderaan beginnen*)


Angst is iets dat deel uitmaakte van mijn vorige herinnering, van verschillende herinneringen.
Angst is wat al heel vroeg in mijn leven is binnengekomen, er waarvan God mij heeft laten zien, dat het satans manier is om Zijn kinderen weg te houden, of weg te halen, van hun bestemming.
Wat een Genade is het niet alleen dat God dit liet zien, maar ook dat Hij mij de moed en kracht geeft, en daarin ook naast mij en met mij mee gaat, om dit te veranderen en mij alsnog daar te brengen waar Hij mij hebben wilt, namelijk in de vrijheid.

Mensen zeggen soms: zo ben ik nu eenmaal, maar ik geloof met heel mijn hart, dat God niet wil dat we blijven wie we zijn.
Ik geloof met heel mijn hart, dat Hij bij machte is ons te veranderen, als wij het maar toelaten.
Het leven brengt nu eenmaal soms dingen met zich mee, waardoor wij heel anders worden dan we als kind waren, of zoals we hadden kunnen zijn, als de omstandigheden anders waren.
Toch zie ik om mij heen, en gedeeltelijk ook aan mijzelf, dat we zo niet hoeven te blijven en dat we het ook niet als een excuus kunnen gebruiken, want onze God is groter en machtiger dan hij die ons klein en gebonden wilt houden.
Hij zond Zijn Zoon, onze Here Jezus Christus naar deze wereld, zodat we nieuwe mensen kunnen worden, mensen die bevrijd zijn van zonde en schuld, maar ook van het oude leven dat we hebben geleefd.
Het antwoord op alles is Genade, Gods Genade, en in die Genade is Zijn liefde zichtbaar.

En zo ben ik weer terug waar ik was begonnen, bij Genade, bij Grace, Amazing Grace.
Bij ‘It is by GRACE you (I) have been saved!’; bij ‘door genade bent u (ik) gered’.
Want, niet alleen heeft God mij Zijn grootste Genadegeschenk gegeven in Jezus, maar ook al deze andere dingen en de vele momenten en geschenken die nog zullen komen.
Het is Zijn Genade waardoor ik ben gered voor de eeuwigheid, maar het is ook Zijn Genade die mij keer op keer red van mijzelf en alles wat nog uit mijn leven weg moet om meer en meer op Hem te gaan lijken, om heilig(er) te worden, zoals Hij zegt in Zijn woord.


Alles wat ik hier heb opgeschreven zijn slechts enkele van de vele herinneringen die ik heb van momenten van Gods genadegeschenken.
Van sommige was ik mij al bewust dat het Genademomenten waren, van anderen kwam ik er pas veel later achter en een enkele pas met het lezen van het boekje.

Ik hoop (dat is eigenlijk mijn gebed) dat ook jij met het lezen van alles iets van Zijn liefde, die zichtbaar is in Zijn Genade, hebt ontdekt, en meer nog, dat het je aangezet heeft, of aanzet, tot het kijken naar Zijn liefde in de Genademomenten en -geschenken in je eigen leven.
Schrijf ze op en bewaar ze.
Met het opschrijven word je je bewuster van dingen, komen dingen beter binnen, en onthoud je dingen beter.
En soms kunnen dingen die je hebt opgeschreven weer tot een enorme bemoediging voor jezelf zijn, of je terugbrengen bij Hem, of een aansporing zijn, of …
Misschien zelfs van (levens)belang voor iemand die het ooit later in handen krijgt; wie zal het zeggen; God weet het.


Als laatste staat er nog één zin in het schrift dat ik gebruikt heb om alles op te schrijven, en daarmee wil ik eindigen.
Het heeft niets met het boekje te maken, nog met mijn herinneringen, maar ik denk dat het wel uit dit alles voortkomt en alles zegt:

‘Wees niet bang om aan de hand van Jezus te gaan!’


Lieve Vader in de hemel, het schrijven heeft deze keer wel heel wat voeten in de aarde gehad, maar dank U wel, dat U mij dwars door alles heen hebt geleid en geholpen.
Ik bid, Vader, dat het opnieuw tot zegen mag zijn en mensen heel dicht bij U zal brengen.
Niet door alles wat ik heb meegemaakt, of wat er is gebeurd, maar door wat U daarin voor mij hebt gedaan en betekent, en dat U dit niet alleen voor mij zo is, maar voor iedereen.
Wie U met het hele hart zoekt, zal U vinden, zegt Uw woord.
Nader tot Mij, en Ik zal tot u naderen!
U bent geen God van ver weg; U bent een God die ons zoekt en een relatie met ons wilt.
En door Jezus, Uw Zoon, door Zijn lijden en sterven, heeft U dit weer mogelijk gemaakt voor ons.
Door Hem mogen wij U Abba – Vader – noemen.
Wat een Genade, wat een Liefde!
Dank U wel!
Geprezen zij Uw grote Naam, van nu aan tot in alle eeuwigheid.

– Amen –


Zo terugdenkend zie
en ervaar ik Zijn liefde
meer en meer.
Het vult mijn hart
met dankbaarheid,
en mijn mond
met lof en eer.


Gods rijke zegen in het ontdekken van Gods liefde in Zijn genade in jouw leven.
Een liefdevolle groet,

Rita











* Wil je de toespraak van Margreet van Straalen graag in wordbestand lezen, dan kan ik je dit per mail toesturen.
Gebruik hiervoor het contactformulier bijna onderaan rechts op dit Blog, of mail naar bloemingodstuin@upcmail.nl.
Dit geldt ook voor mijn verhaal van ‘Onderweg naar Pasen’.

donderdag 13 april 2017

De liefde van God zichtbaar in Zijn genade (2)

… Ik trek mij terug, 
word stil en laat mij 
leiden door Zijn Geest.
En in de herinneringen
die komen, toont Hij mij
dat Hij er altijd, en overal,
bij is geweest.


De eerste herinnering brengt mij terug naar de nacht waarin mijn man heerlijk op bed lag te slapen, terwijl ik beneden aan tafel zat te schrijven (ik had toen nog geen eigen kamertje).
Al langere tijd was er diep in mij iets dat mij drong om stil te worden en de tijd te nemen om mijn gedachten en gevoelens op te schrijven rond de vraag die mij al lange tijd bezig hield, namelijk: besef ik zelf eigenlijk wel hoe groot Zijn lijden was?
En die bewuste avond, toen we aanstalten maakten om naar bed te gaan, was het gevoel om te moeten schrijven zo sterk, dat mijn man alleen naar bed ging en ik plaatsnam aan mijn keukentafel om te schrijven.
En ik heb geschreven tot in de vroege ochtend.
Nooit eerder, en ook niet daarna, is wat Jezus voor mij heeft gedaan zo diep binnengekomen.
Nimmer heb ik zo’n berouw gehad over mijn zonden en wat Hij daarvoor heeft moeten lijden.
Het is nu pas dat ik besef welk een Genademoment deze nacht was, welk een Genadegeschenk deze tijd met Hem, dit schrijven.
Hoe zichtbaar was en is Zijn liefde niet in Zijn allergrootste Genadegeschenk:  JEZUS.

Het verhaal is te lang :) om hier ook op te schrijven, maar via onderstaande link kun je het lezen.
Ik heb het verdeeld over verschillende blogpost, van ‘Onderweg naar Pasen … (het begin) in maart 2013 tot aan het slot in april.
(>> Onderweg naar Pasen …)


De volgende herinnering brengt mij op het grootste dieptepunt van mijn geloofsleven.
Na jaren van zware stormen in ons gezin was ik op een gegeven moment zo moe, zo boos, zo opstandig, zo teleurgesteld, dat ik het niet meer zag zitten, zowel eigenlijk het leven niet, als ook mijn leven met God.
Was het nog niet genoeg?
Waarom liet Hij dit alles toe?
Was de strijd om het leven van onze jongens nog niet genoeg, moest dit er ook nog bij?
Betekent geloven dan alleen maar strijd en moeiten en pijn en verdriet en …
Ik wilde niet meer, en zo kwam ik op een kruispunt in mijn leven waarvan ik nooit had gedacht maar te kunnen komen.
Op het punt waar ik me afvroeg of ik Hem dan maar vaarwel zou zeggen en zonder Hem verder zou gaan, of verder met Hem, maar zonder te nog te weten hoe.
En ik stelde mij voor hoe het zou zijn als ik alles maar vaarwel zou zeggen …

Mijn Bijbel(s), en alles in ons huis en op mijn kamer wat naar Hem verwijst, of op Hem wijst, wegdoen, niet meer naar de kerk of naar kring, geen aanbiddingsavonden meer, geen gebed meer (–ach, wat hielp dat immers …).
Niet meer ’s morgens met Hem beginnen, niet meer gedurende de dag met Hem praten, geen noodkreten naar boven meer op welk moment van de dag of nacht dan ook, niet meer schrijven, dichten, niets meer van alles wat ik ben en adem.
Niets meer …
Dan komt dit besef binnen: maar … dan ben ik niets, dan ben ik nergens meer.
Wat blijf er dan nog over?
Wat blijf er dan nog over van mij?
Dan wordt mijn leven zinloos, dan houdt het leven op, dan is alles … leeg …
En ik kon de leegte bijna gewoon voelen en op dat moment wist ik dat ik nooit zonder Hem kan …
O God …  hoewel ik op dit moment niet weet hoe ik verder moet, weet ik wel dat ik niet zonder U verder kan; zonder U houdt mijn leven op te bestaan, zelfs als ik gewoon verder leef.

Zelfs op dit grootste dieptepunt van mijn geloofsleven was Hij er met Zijn Genade.
Geen veroordeling, geen hand die mij wegvaagde, geen mond die sprak: weg van Mij, Ik wil je niet meer.
Alleen maar liefdevolle Vaderarmen, die nog steeds, ook na dit alles, wijd open waren om mij op te vangen, mij liefdevol te omarmen om samen met mij de weg te gaan die nog voor mij lag.
Wat een Genade!
Wat een Liefde!


Dan is daar het moment van mijn volwassen doop.
Welk een strijd daar om heen, ik ben immers ook als baby gedoopt.
Maar God liet mij duidelijk zien, zowel door Zijn woord als in het zeker (gevoels)weten, dat Hij dit van mij vroeg en ik ervoer de bevestiging op het moment dat ik uit het water omhoog kwam: ‘Ik ben vrij!’
Vrij van ‘je moet dit, je moet dat’; vrij van het wetticisme, het zelf moeten doen.
Met Hem begraven en weer opgestaan; niet meer ik, maar Hij leeft in mij!
Het heeft me best veel gekost; de relatie met mijn vader is nooit meer geworden wat die was, maar God vroeg mij te kiezen, mijn angst voor de reactie van mijn vader en wat daar uit voort zou komen, of Hem gehoorzaam zijn.
Van mijzelf had ik dit nooit kunnen doen, maar dankzij Hem wel.
Vergeven, genezen, bevrijdt; een nieuw leven ving aan.
Wat een Genade, wat een Liefde!
>> Mijn doopgedicht


Ik ellendig mens, …
O, ik ben zo dankbaar, dat mijn vader niet in die ellende is gestorven, maar dat hij met het ziek worden, verlost werd van zijn angst voor de dood en daarmee van deze woorden.
Deze woorden, ‘Ik ellendig mens, …’ waren keer op keer zijn woorden.
Hij was doof als ik hem zei dat er nog wat achter stond, dat het hier niet ophield, dat Paulus nog meer zei.
‘Maar Gode zij dank, door Jezus Christus, onze Here …!’
Ik was nog jong, een tiener als ik mij vastklamp aan wat er achteraan kwam en weigerde (ondanks alle gevoelens die bovenkwamen) daarin weg te zinken.
Ik zie daarin Gods genade, Gods liefde, dat Hij mij dit voorhield, terwijl overal om mij heen mensen bleven steken in het ‘Ik ellendig mens, …’


Een ander Genadegeschenk dat ik van God ontving als vijftienjarige, was met de preek van Professor Velema over ‘Mijn Vader’.
Het was de eerste keer, voor zover ik mij kan herinneren, of dat het pas echt binnenkwam, dat ik God mijn Vader mag noemen.
Ik weet echt niet meer wat hij verder allemaal heeft gezegd in die preek, behalve deze twee woordjes, die blijven mij mijn gehele verdere leven bij.
Een paar jaar later schreef ik er een gedichtje over, één van mijn eerste gedichtjes.
>> Mijn Vader


Met het oog op vergeven komen er een paar herinneringen boven.
Herinneringen aan heftige en moeilijke tijden, aan wat mij en later ook ons als gezin, aan onze dochter, werd aangedaan.
Mijn gedachten gaan naar de plaats waar ik gewerkt heb, naar mijn laatste afdeling …
Naar de tijd dat onze dochter verkering had met een jongen wiens pleegouders onze dochter van ons af wilde nemen en in hun eigen huis wilden hebben.
De pijn is weg, zo ook het verdriet, het zelfmedelijden en de bitterheid, de angels zijn eruit.
Ik had het nooit zelf gekund, ik wilde het zelf niet eens, maar dankzij Hem, dankzij Zijn Genade en Liefde kwam ik tot vergeven en gaf Hij de diepe genezing die daarbij hoort.
Het lied ‘Mercy’ van Laura Woodley heeft in die genezing zeker de laatste hand gehad; het bracht mij ook tot het schrijven van het gedicht >> ‘I've been forgiven of more - Ik ben meer vergeven’.


Wat ik ook zo bijzonder vind, is dat hoewel ik opgegroeid ben met een toornende God (opnieuw zeg ik erbij ‘in mijn beleving’), en voor die God heel bang was, ik niet bang was om Hem alles te vertellen.
Zolang ik me kan herinneren was er aan de ene kant een stuk angst voor God, en aan de andere kant ook een stuk dat niet bang voor Hem was.
Altijd is er ergens een diep besef geweest, dat God in werkelijkheid anders was dan de God die ik kreeg voorgeschoteld (in mijn herinnering –misschien was het minder erg dan ik het me herinner)
Het feit dat Hij alles van mij wist, alles zag wat ik deed, boezemde mij geen angst in, maar maakte het mij juist makkelijk om Hem alles te vertellen, want Hij wist het immers toch al, en het maakte het ook gemakkelijker om Hem overal bij te betrekken.
Ik zie dat als dat Zijn hand van kleins af aan op mijn leven was, en ik zie met het ouder worden meer en meer de Genade die daarin ligt en de Liefde die daarin ten grondslag ligt.


Gods Genade en Liefde zien in het feit dat iemand je tot de orde roept, heeft wel wat jaren gekost.
Door alles wat er in mijn leven gebeurd was en gebeurde, was ik terecht gekomen in een poel van zelfmedelijden, zelfbeklag en bitterheid.
Heel wat mensen hebben mijn verhalen vol van pijn en alle ellende die ik toch maar mee moest maken keer op keer moeten aanhoren.
Tot er op een dag iemand (een oudere man die ik heel graag mocht, nou ja, daarna ook even niet meer en die tevens psycholoog was geweest) op bezoek kwam en niet meeging in mijn zielige verhalen, maar mij vertelde dat ik mezelf eens aan moest pakken en iets anders moest gaan doen, zodat ik niet zoveel tijd had om aan en over mezelf na te denken (daar kwam het tenminste ongeveer op neer).
Ga borduren of zo, zei hij; met zo’n telpatroon kun je tenminste niet aan jezelf denken.
Mijn ‘dat heb ik nog nooit gedaan’ en ‘dat kan ik toch niet’ veegde hij van tafel.
Ach, hoe het precies gegaan is weet ik niet meer, noch wat hij precies heeft gezegd, maar ik weet nog wel dat ik heel erg teleurgesteld was en verdrietig, want ik had die dag juist iemand nodig die mij zou bemoedigen, een arm om mij heen zou slaan, me zou troosten, en hij deed niets van dat alles.
Het voelde eerder alsof ik op mijn kop kreeg; ik, die al zoveel te verduren had.
Maar zijn woorden bleven wel hangen, daar zorgde God wel voor, en Hij zorgde er ook voor dat ik erover ging nadenken en Hij zorgde er ook voor dat ik uiteindelijk toch een borduurwerk kocht en ging borduren.
En met het borduren, -het tellen, kwam er minder ruimte om met mijzelf bezig te zijn.
Daarnaast gaf God ook de juiste boeken, die mij ook de juiste weg wezen, en na jaren van worstelen met God en met mezelf, veranderde mijn leven.
O ja, ik ben nog steeds iemand van details en het keer op keer ‘moeten’ vertellen van dingen voor ik iets een plaats kan geven, dat schijnt zo bij mij te horen(al blijf ik er ook van overtuigt dat Hij dit in mij kan veranderen), ik moet kunnen praten, al helpt het schrijven mij ook enorm.
Maar welke een Genadegeschenk was deze man, die het lef had om mij tot de orde te roepen en niet mee te gaan in mijn zelfbeklag.
Welk een Genademomenten waren er in de jaren die volgden in het herinneren van zijn woorden, de borduurwerkjes, de boeken …
En opnieuw, welk een liefde van God is niet zichtbaar in Zijn Genadige geduld met mij.


Wat komen de woorden uit Psalm 147:3, die de schrijver van het boekje aanhaalt binnen:
‘Hij geneest wie gebroken zijn, en verzorgd hun wonden.’
Alles in mij roept ‘AMEN’.
Weg is immers de pijn van alle woorden, genezing is wat ik ervaar; mijn diepe wonden heeft Hij verzorgd.
Ja, Jezus kwam echt voor de gebrokenen van hart; Hij kwam voor mij!
Ik weet dat ik op sommige punten (heel) kwetsbaar ben, maar ik weet bij Wie ik moet zijn.

Wordt vervolgd ...

Gods rijke zegen in het ontdekken van Gods liefde in Zijn genade in jouw leven.
Een liefdevolle groet,

Rita




woensdag 12 april 2017

De liefde van God zichtbaar in Zijn genade (1)

Neem de tijd …


‘It is by GRACE you have been saved.’

‘Ja, vanwege de Genade zijt gij mensen die gered zijn door het geloof; 
en dat niet dankzij uzelf: Gods gave is het;…’

>> Efeziërs 2:8


Het is door het Dagboekje dat ik gebruik met mijn FF (>> First Focus)  dat ik werd bepaald bij het woord Genade; bij het zichtbaar worden van Gods liefde in Zijn genade.
Ik had werkelijk geen idee hoe of wat ik daar verder mee moest (en eigenlijk nog niet goed) maar het past wel precies in de lijn van waar ik mee bezig ben, en het valt precies in de maand dat we ook Goede Vrijdag en Pasen herdenken en vieren.
Als ik dan vanmorgen (het is nu dinsdag 28 maart) het document open waar ik de titel al had ingevuld, weet ik eigenlijk niet waar ik en hoe ik moet beginnen.
Het woord Genade komt ontzettend vaak voor in de Bijbel, dus aan de hand van welke tekst zal ik dan gaan nadenken en schrijven …
Ik kijk en zoek en denk, en denk … en ik ga nog maar even wat anders doen.

Als ik wat later terugkom schijnt de zon behoorlijk naar binnen door het zijraam van mijn kamertje, en dus buig ik mij iets voorover om de screen naar beneden te doen.
En terwijl ik  me voorover buig en met mijn hand naar de knop ga, lees ik schuin vanuit mijn ooghoek het woord ‘Grace’ op het bord dat ik vorig jaar met mijn verjaardag heb gekregen en dat toch eigenlijk heel duidelijk zichtbaar en leesbaar op mijn kamertje staat.
Zo dichtbij, en toch had ik het niet gezien.
 Als ik dan ook de tekst eronder lees, weet ik dat dit het woord is waarvoor ik de tijd mag nemen om over na te denken en te schrijven.

‘It is by GRACE you have been saved!’
Het is door GENADE dat je bent gered!’
Grace.
Genade.
Een onverdiende gunst, een onverdiend geschenk.


Ik heb geen prachtig en groots bekeringsverhaal.
Ik weet ook de datum niet van de dag dat ik mijn hart aan de Jezus heb gegeven; al wat ik nog weet, is dat ik als kind, in één van de kinderkampen van de NCGB onder leiding van (ome) Aad en (tante) Coby v.d. Sande, mijn hartje aan de Heer heb gegeven; een hartje dat Hem echter allang toebehoorde.
Ik heb het al eens eerder geschreven, ik ken geen leven zonder de Heer; Hij is er gewoon altijd al geweest.
Er is een tijd geweest dat ik dit best lastig vond, maar nu niet meer.
Steeds meer ga ik de genade daarvan inzien en ervaren.
Het één is immers niet beter, makkelijker of mooier dan het ander, we gaan alleen allemaal een andere weg –God gaat met een ieder van ons een andere weg.
Want, waar we ook vandaan komen, of het nu uit de wereld is of uit een (al dan wel of geen warm) christelijk nest, we zullen allemaal vroeg of laat zelf een eigen keuze moeten maken of we de Heer willen volgen en dienen ja of nee.
En is de weg tot onze redding genade, ook alles wat er volgt in ons leven, elke leerschool, alles wat we ontvangen, is ook genade.
Genade is alles, en alles is genade.


‘It is by GRACE you have been saved!’
Het is alsof God Zelf deze woorden tot mij spreekt; alsof Hij mij er opnieuw bewust van wilt maken en mij de diepte ervan nog meer wil doen kennen.
Alsof Hij met uitdaagt om te gaan zoeken, te graven, te overdenken, zodat mijn leven weer een stapje dichterbij Hem komt en tot Zijn eer zal zijn.

Focus.
Neem de tijd.
De schoenen uit.
De diepte zien van Zijn liefde.
Zijn liefde zichtbaar in Zijn geduld.
In Zijn genade …



Amazing Grace …
Het is inmiddels 5 april en ik ben niet verder gekomen de afgelopen dagen.
Hoe moet ik verder?
Eigenlijk weet ik nog steeds niet hoe of wat te schrijven.

In de tijd dat ik de eerste woorden trachtte op te schrijven en nu, kwam ik met het nadenken en zoeken het boekje van Jos Douma 'Genade ervaren' tegen.
Ik las (dacht ik) het eerste hoofdstuk (maar bij nader inzien was het waarschijnlijk de 1e preek) maar al snel had ik zoiets van, dit boekje wil ik hebben en ik moet dit gelezen hebben voor ik verder kan.
Een dag later lag het boekje in mijn brievenbus en het bleek een zeer waardevol boekje.
Heel wat keren kwam ik met het lezen tot het besef dat ik in mijn leven al vele genadegeschenken van God heb ontvangen.
Met het lezen kwamen namelijk steeds weer allerlei herinneren in mijn gedachten, waarvan ik met het lezen besefte: dit is genade.
Soms was ik zelfs tot tranen geroerd.
En het deed me beseffen dat we veel meer genade ontvangen  dan we ons vaak bewust zijn, en, en dat is het allerbelangrijkste, dat Zijn woord waarheid is als het zegt dat we ‘uit Zijn (Jezus) volheid genade op genade ontvangen’.
En het doet me ook opnieuw zien hoe groot Gods liefde is; liefde zichtbaar is in al die genadegeschenken.


Maar het is inmiddels alweer een paar dagen geleden dat ik het boekje uit heb, en ik kom er achter hoe snel ik het ook weer vergeet.
En het doet me eigenlijk best verdriet, want ik weet nog heel goed dat die momenten er waren en hoe sommige dingen uit het boekje mijn hart diep raakten.
Maar de drukte van alle dag, alle andere dingen die mijn aandacht en tijd vroegen, lieten mij alleen achter met de vage herinnering aan het ‘iets’.
Ik weet dat dit vrij ‘normaal’ is, dat we ons gewoon niet altijd alles kunnen herinneren en maar terug kunnen halen wanneer wij dat willen; dat het best ergens ligt opgeslagen en boven komt, maar voor nu, voor nu wilde ik dat het anders was.

Met dat ik deze dingen schrijf en tot dit besef kom, komt ook een opmerking van Ann Voskamp van haar DVD over Dankbaarheid die we afgelopen maandag met de VrouwenBijbelstudiegroep hebben gekeken in mijn gedachten: ‘Satan hates our pens’
(de eerlijkheid gebied mij om te zeggen dat ik de precieze woorden niet meer wist, alleen ongeveer en ik heb het snel nog even teruggekeken voor de juiste woorden; ze citeert hier trouwens Maarten Luther)
Pennen zijn er om dingen op te schrijven, te noteren, om te kunnen onthouden en/of door te geven, en ik kan me er dus wel wat bij voorstellen dat hij, satan, het haat als wij dingen opschrijven waardoor we meer van Hem gaan houden, Hem beter leren kennen, beter kunnen onthouden wat Hij zegt, of daardoor terug kunnen vinden wat Hij heeft gezegd enz.

Is dit het dan wat ik deze keer mag gaan doen, wat Hij wilt dat ik zal doen?
Nog een keer het boekje lezen (dat is namelijk het gevoel dat mij de hele tijd als ik deze dingen schrijf bekruipt) en dan de herinneringen en/of gedachten opschrijven die opkomen?
Zodat het ontdekken van genade in de herinneringen mij Zijn liefde doet zien, Zijn liefde zichtbaar wordt?
Zodat tevens een ieder die meeleest ook de genademomenten gaat zien in eigen leven en daarmee Gods liefde?

Dat ga ik dan nooit in deze ene dag die ik gereserveerd heb als schrijfdag redden, is mijn eerste gedachte en het vliegt me eigenlijk gewoon een beetje aan.
En toch … toch is er iets dat mij dringt om terug te gaan naar dit boekje, het nogmaals te lezen en pen en papier bij de hand te nemen en te op te schrijven wat in mijn gedachten komt, wat mij aanspreekt en raakt, doet nadenken, of wat dan ook.
Met andere woorden: wat Gods Geest mij te binnen brengt of laat zien, want dat is immers mijn gebed, ook vooraf aan het opnieuw lezen van dit boekje.
Ik sluit mijn laptop af, en gewapend met pen, papier en het boekje ga ik naar beneden naar ‘mijn stoel’ …


Amazing Grace 
8 April 2017

De rest van de dag van 5 april heb ik lezend en schrijvend doorgebracht.
En hoewel het nog maar kort geleden was dat ik het boekje gelezen had, het was beslist geen straf, noch kostte het mij moeite, om het opnieuw te lezen.
(En ik denk dat ik het zelfs zo nog een keer kan lezen)
Voor mijn gevoel zijn niet alle herinneringen die met het lezen in mijn gedachten kwamen hetzelfde als met de eerste keer lezen, maar velen wel.

Nu vraag ik me af of ik al deze dingen moet opschrijven of dat ik er enkele van zal noemen, en hoe past dit dan weer bij waar ik mee begonnen ben.
Daarbij wordt het dan helemaal een ellenlang schrijven, en in mijn achterhoofd klinkt hoe een blogpost juist niet te lang moet zijn.
Voor wie schrijf ik, is dan de vraag die zich opdring, en ik weet dat ik dit in de eerste plaats toch voor mijzelf doe en niet om lezers te winnen en door velen gevolgd te worden, hoewel het mij zeker erg goed doe als dit gebeurd en men er ook nog geraakt of bemoedigd door wordt.
En ik besluit om toch alles op te schrijven en dat ik gewoon deze hele blogpost in delen op mijn Blog zet.
Ik wil gewoon het hele verhaal hebben, het helemaal compleet hebben.
Het schrijven is deze keer één grote worsteling, maar ik besef dat er één is die helemaal niet wil dat het geschreven wordt, die niet wil dat ik Gods genademomenten en geschenken zie en opschrijf, die niet wil dat ik de liefde van God in die momenten en geschenken zie, omdat het mij meer van Hem doet houden en mij dichter bij Hem brengt.
Omdat het mijn gebed is, dat het een ander (al is het er maar één) er ook toe brengt om eens stil te gaan staan, na te denken en op te schrijven, om zo bewust te worden van hoeveel genade God al heeft gegeven naast Zijn allergrootste genadegeschenk, Jezus, en daarin Zijn enorme liefde ziet, of gaat zien.

Focus.
Neem de tijd.
De schoenen uit.
De diepte zien van Zijn liefde.
Zijn liefde zichtbaar in Zijn geduld.
In Zijn genade …


Er zit geen lijn in mijn herinneringen, het gaat kriskras door de jaren heen, afhankelijk van wat Jos Douma schrijft.
Daarbij zullen het alleen mijn herinneringen zijn die ik opschrijf, en niet vanuit welk punt in het boekje zij komen; ik geloof namelijk niet dat dit er iets toe doet.
Wel is het een boekje dat ik zeker aanbeveel om ook zelf te lezen.


Gods liefde zichtbaar 
in genademomenten, 
genadegeschenken.
Soms word ik mij 
er pas van bewust
als ik stil word
en terug ga denken …


Wordt vervolgd ...

Gods rijke zegen in het ontdekken van Gods liefde in Zijn genade in jouw leven.
Een liefdevolle groet,

Rita




woensdag 1 maart 2017

De liefde van God zichtbaar in Zijn geduld ...

Neem de tijd …


‘De HEERE is geduldig en rijk aan goedertierenheid, …’
HSV

Numeri 14:18


Na mijn vorige schrijven over ‘de diepte van Gods liefde zien’, werd ik bepaald bij Gods geduld en hoe ook daarin Zijn liefde zichtbaar is.
En met dat ik er even over nadacht, verwonderde ik mij opnieuw over hoe God dingen bij elkaar brengt, want hoe mooi sluit dit niet aan bij de vorige twee stukjes; is het één niet als het ware een verlengstuk van het ander.
Tegelijk benauwde het me even, want direct gingen alle radertjes draaien in mijn hoofd en ik zag het al helemaal voor me hoe alle stukjes van dit jaar zo op elkaar zouden volgen enz. enz.
Het liefst was ik gelijk gaan zitten om voor de komende maanden alles vast op papier te gaan zetten.
Ik heb mezelf toen (en ook nu) even toe moeten spreken om dit los te laten en nu bezig te gaan met wat er nu voor me ligt en te wachten op God voor iedere maand die volgt.
Of het zo wel of niet moet zijn, zal Hij het me wel laten zien.
Grappig eigenlijk, want dit laat mijn ongeduld zien, terwijl ik wil gaan nadenken en schrijven over Gods geduld.
En ook brengt het mij direct bij mijn ‘One Word – Focus’ voor dit jaar.
Focus op het nu en geduld in het wachten op God voor wat nog moet gaan komen en waar ik nu nog helemaal niets mee hoef te doen.

En zo word ik gelijk bepaald bij Gods geduld met mij.
Ik weet niet hoe het met jou is, maar met enige regelmaat word ik bepaald bij het geduld dat God met mij heeft.
Soms brengt het mij zelfs tot tranen van dankbaarheid en ontroering dat Hij zoveel geduld met mij heeft, omdat ik er zoveel liefde in zie en proef.
Daarnaast voel ik me dan zo geborgen en veilig; want er is geen veroordeling, er klinken geen verwijten, Hij duwt mij niet van Zich af, en ik bespeur geen boosheid.
Wel ervaar ik vaak dat ik Hem pijn en verdriet doe met mijn eigenwijsheid en koppigheid, en komt er diep berouw dat ik Hem zo te kort doe.
Ik neem mij dan telkens voor om minder eigenwijs te zijn, minder koppig en meer op Hem te vertrouwen, maar wat is het vaak moeilijk en ben ik al de fout in gegaan voor ik er erg in heb.
En dan toch, steeds weer is daar Zijn geduld, Zijn niet opgeven om mij te leren.
Soms zie ik in gedachten voor me hoe Hij hoofdschuddend naar mij kijkt en hoor ik Hem als het ware zeggen: ‘Kind, kind toch, wat maak jij het jezelf toch moeilijker dan nodig is; vertrouwde je Me toch maar …; geloofde je Me nu maar op Mijn woord …’
Maar steeds is daar weer die geduldige, liefdevolle Vader, met wijd open armen als ik eindelijk zo ver ben om te luisteren, om te gehoorzamen, om op te geven, om los te laten.


Dat ik niet hoef te wanhopen en niet bang hoef te zijn dat God mij opgeef en zegt ‘bekijk het nu maar, je bent Me te koppig en eigenwijs’, blijkt uit Zijn woord.
In Exodus 34:6 is het God Zelf die aangeeft dat Hij(naast nog veel meer) een geduldig God is.

‘Toen de HEERE bij hem voorbijkwam, riep Hij: HEERE, HEERE, God, barmhartig en genadig, geduldig en rijk aan goedertierenheid en trouw, …’

Het volk Israël had net het verbond (>> Ex. 24) dat God eerder met hen gesloten had, op gruwelijke wijze verbroken door een gouden kalf (>> Ex.32)te maken en dit te aanbidden, en dat enkel en alleen omdat Mozes, hun leider, zolang wegbleef en zij bedachten dat Mozes dan misschien wel dood zou zijn en daarmee ook God weg uit hun midden.
Ik denk dat je wel kunt zeggen dat dit het toppunt was van alles waarmee ze Gods geduld op de proef hadden gesteld – hun gemopper over het eten, water, ‘in Egypte hadden we het beter; moeten we hier nu sterven’ (>> vanaf Ex. 14) enz. enz.-.
Hun ongeloof en gebrek aan vertrouwen in God, na alles wat Hij voor hen had gedaan, bereikte het hoogtepunt in het maken van een beeld in de vorm van een gouden kalf, die hen voortaan dan maar moest gaan leiden, en door dat te aanbidden.
Als we verder lezen in Hoofdstuk 32 en in het volgende hoofdstuk, dan zien we Gods woede, het pleiten van Mozes –meerdere keren zelfs, de ‘spijt’ die God kreeg van Zijn dreigende woorden, Zijn straf, maar ook Zijn liefde, Zijn trouw, Zijn goedheid en Zijn geduld.
En zo komen we van Hoofdstuk 33, waar Mozes God gevraagd heeft of hij Hem mocht zien (vers 18) in Hoofdstuk 34:6,7, waar God in al Zijn heerlijkheid aan Mozes -die Hij daarvoor wel in een rotsholte zet en met Zijn hand bedekt ter bescherming- voorbijtrekt en dan de woorden van Exodus 34:6,7  spreekt.

Als we zo de Bijbel verder doorlezen, zien we dit steeds opnieuw en overal terugkomen, Gods liefdevolle geduld met Zijn volk, Gods liefdevolle geduld met andere volkeren, rassen, mensen; ja, met ook met individuen.

>> Hosea3:1 
>> Jona 4:2 


Gods liefde en Zijn geduld zijn met elkaar verbonden, en dit is het meest zichtbaar in Zijn liefde en geduld met deze wereld.

2 Petrus 3:9
‘De Heere vertraagt de belofte niet  (zoals sommigen dat als traagheid beschouwen),  maar Hij heeft geduld met ons  en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.’

Het is Zijn liefde voor de mensheid dat Hij Zijn Zoon, onze Here Jezus Christus, nog niet teruggestuurd heeft naar deze aarde.
Het is Zijn liefde, zichtbaar in Zijn geduld, zodat er nog zoveel mogelijk mensen tot geloof kunnen komen en behouden zullen worden.

‘Neem de tijd, o mijn ziel,
neem de tijd om te overdenken,
tot je door te laten dringen,
hoe groot Zijn liefde is.
Neem de tijd om te ontdekken
op welke wijze Hij Zijn liefde laat zien …’

Opnieuw kom ik uit bij dit vers van mijn gedicht en ik wil ook jou aansporen om toch tijd vrij te maken, tijd te nemen om te kunnen ontdekken hoe groot en diep Gods liefde is voor jou.
Om te ontdekken in Zijn woord dat Zijn liefde zichtbaar is in het geduld dat Hij met ons heeft.
Om te ontdekken in je eigen leven hoeveel geduld God met jou heeft en hoe Zijn liefde daarin zichtbaar is.
Opdat het een ieder van ons persoonlijk zal versterken; ons zal doen groeien in geloof en vertrouwen, en wij standvastig en volhardend de wedloop van dit leven zullen lopen tot wij komen in Zijn heerlijkheid.


Lieve Vader in de hemel, dank U wel voor Uw geduld met ons.
Open toch onze ogen, opdat wij ook zullen zien waar en hoeveel geduld U met ons heeft, en dat wij daardoor toch ook weer meer van de diepte van Uw liefde zullen zien.
Dat het ons zal doen groeien in geloof en vertrouwen, opdat U meer en meer zichtbaar wordt in ons leven en het anderen tot U brengt.
Dank U wel, lieve Vader, voor al Uw liefde en geduld met mij.
Ik prijs Uw Naam!

- Amen -


Opnieuw deed ik het verkeerd,
opnieuw bleef ik vechten en strijden.
Opnieuw kon ik niet loslaten en overgeven,
opnieuw liet ik me niet door U leiden.

Ik vraag me af, Heer, zal ik het ooit leren;
opnieuw was ik immer koppig en eigenwijs.
Heeft U echt nog steeds geduld met mij,
op deze weg die ik ga, op mijn aardse reis?

Ik buig mijn hoofd en belijd vol berouw,
terwijl ik mij vastgrijp aan Zijn gegeven woord:
‘De HEERE is geduldig en rijk aan goedertierenheid …’
En ik ervaar hoe Zijn Liefde in mijn ziel gloort.

Dank U, lieve Vader, voor Uw liefde,
zo zichtbaar is in Uw geduld met mij.
Dank U voor tijd waarin ik mag leren;
U bent de Pottenbakker, ik de klei.


Gods rijke en liefdevolle zegen voor de komende maand.
Dat ook u/jij de liefde in Zijn geduld mag zien of ontdekken.

Een liefdevolle groet,
Rita



woensdag 1 februari 2017

De diepte van Gods liefde zien ...

Neem de tijd ...


'Want ik ben ervan overtuigd dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch krachten, noch tegenwoordige, noch toekomstige dingen, noch hoogte, noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde van God in Christus Jezus, onze Heere.’

Romeinen 8:38,39


Het past helemaal in de lijn van waar ik mee bezig ben, het onderwerp waarover ik dieper mag nadenken en schrijven, maar o, wat vind ik het tegelijk lastig en moeilijk.
Toch ervaar ik dat Gods Geest mij hier brengt, bij dit onderwerp en dit woord uit de Bijbel.
Op de één of andere manier valt alles samen zonder dat ik het zelf bij elkaar zoek.
Het valt mij eigenlijk pas op als ik dingen herken of als herinnering in mijn gedachten komen.
Het is het gedicht van januari dat mij bij het onderwerp bracht, en wat mij ook terugbracht bij het eerste vers van een ander gedicht; een gedichtje dat ik vorig jaar al helemaal voorin op de kaft van mijn agenda heb geplakt  als leidraad voor dit jaar: ‘Neem de tijd …’
En het eerste vers is als volgt:

‘Neem de tijd, o mijn ziel,
neem de tijd om te overdenken,
tot je door te laten dringen,
hoe groot Zijn liefde is.
Neem de tijd om te ontdekken
op welke wijze Hij Zijn liefde laat zien.’

En het zijn deze woorden die mij tegelijk weer terugbrengen bij het laatste gedeelte van het citaat waar ik vorige maand over nadacht en schreef: ‘…alleen wie het ziet doet zijn schoenen uit.

Neem de tijd, o mijn ziel …
Alleen wie het ziet …
Tijd maken, er tijd voor nemen, ervoor apart zetten.
Waar je naar verlangt omzetten in daden.
En dan ontdekken en zien …
Steeds weer en steeds meer.

Voor ik echter verder ga, wil ik bij voorbaat aangeven dat ik besef dat ik nooit de werkelijke diepte, de werkelijke grote van Gods liefde zal kunnen zien of bevatten, maar het is een must om gedurende mijn leven mij uit te strekken naar het steeds meer en meer ontdekken en zien hoe groot, hoe diep Zijn liefde voor mij is, voor ons allemaal; met elkaar:

‘…opdat u ten volle zou kunnen begrijpen, met alle heiligen, wat de breedte en lengte en diepte en hoogte is, en u de liefde van Christus zou kennen, die de kennis te boven gaat, opdat u vervuld zou worden tot heel de volheid van God.’
Efeziërs 3:18-19


Neem de tijd, o mijn ziel …
Mijn ziel, oftewel, heel persoonlijk.
Hoeveel we zullen ontdekken en zien is afhankelijk van de tijd die we nemen om met God alleen te zijn, Zijn woord te lezen en te overdenken, en te bidden.
Hoeveel we zullen ontdekken en zien is afhankelijk van het feit of we stil willen staan en terug willen denken, terug willen kijken in de tijd om God te zoeken in de moeilijk(st)e omstandigheden of tijden van ons leven.
Zien we immers vaak niet pas achteraf hoe Hij er toch was, ons staande hield, ons kracht gaf, ons omringde met Zijn liefde en zorg.
Alleen wie het ziet …

Persoonlijk:
… Ik ken geen leven zonder Hem; Hij was er gewoon altijd.
… Een glimlach komt op mijn gezicht als ik denk aan wat mijn moeder mij ooit vertelde, over hoe ik in een kamer vol visite (vroeger was er maar één kachel in huis, dus bidden voor het slapen gaan deden we beneden) mijn avondgebedje deed en vervolgens nog bad voor de poes van de buren, voor iedereen die ziek was, of voor wat dan ook, zonder dat het me wat uitmaakte wie er in de kamer zat en ik hield niet op voor dat ik alles en iedereen gehad had.
Terugkijkend, zie ik hoe Zijn hand vanaf mijn ontstaan op mij was.
… Hij was bij mij toen ik als klein meisje in de sneeuw knielde op het kleine stille paadje langs de begraafplaats; ik bad, dat weet ik nog , maar waarom of waarvoor …
Toch weet ik nog hoe Hij daar was, zo heel dicht bij.
… Hij liet het toe dat ik als kind keer op keer achtervolgt en belaagd werd, overvallen, bedreigt, en toch, Hij was het die mij spaarde en bewaarde en nog steeds Zijn weg met mij gaat, ook in het trauma dat daarvan het gevolg is.
Is het niet Zijn liefde, die mijn ogen opent; is het niet Zijn liefde, die geduldig wacht tot ik klaar ben voor …; is het niet Zijn liefde, die mij al hier heeft gebracht en is het niet Zijn liefde, die mij vasthoudt en leidt.
… Vele harde, afwijzende en vernederende woorden zijn er gesproken en dreigden mij kapot te maken, maar was het niet Zijn liefde die mij vasthield en uithielp, en leerde vergeven.
Was het niet Zijn liefde, die genezing bracht en nieuwe liefde en bewogenheid.
… Heb ik niet het meest geleerd en Zijn liefde gezien in de jaren van lichamelijke pijn en niets meer kunnen; in de vele tranen die ik heb gehuild en waarvan Zijn woord zegt dat Hij ze vergaard in een kruik en ze eens Zelf zal drogen.
… Was het hoogtepunt niet mijn doop; was het niet Zijn liefde die mij daar in het doopbad bracht ondanks tegenstand, en was Zijn liefde niet overweldigend toen ik uit het watergraf omhoog kwam.
… Heeft Zijn liefde mij niet vastgehouden toen ik op een tweesprong belandde, omdat het lijden in ons gezin mij tegen Hem op deed staan en ik me afvroeg of ik nog wel wilde geloven, want er was immers alleen maar ellende, pijn en verdriet, en moeilijkheden in ons leven.
Was het niet Zijn liefde die mij niet alleen vasthield, maar ook terugbracht in Zijn armen, dicht aan Zijn hart; die mij vergaf, die mij genade betoonde.
… Was het niet Zijn liefde die nieuwe dingen gaf, nieuwe wegen en mogelijkheden.
… Is het niet Zijn liefde, die mij heeft gebracht waar ik nu ben en waarvan ik mag weten dat die mij ook op mijn verdere levenspad zal vasthouden, omringen en leiden.

O, hoe diep, hoe groot,  is niet Zijn liefde …


Vandaag, zaterdag 21 januari, als ik vast bezig ben met dit stukje voor februari, zijn de teksten van mijn Stille tijd (FF- First Focus) uit Deuteronomium 33:27 en …, ja, ja, Romeinen 8:38,39.

Deut. 33:27
‘De eeuwige God is voor u een woning, en onder u Zijn eeuwige armen.’

Klinkt in deze woorden niet Zijn onvoorwaardelijke liefde door?
En is Zijn onvoorwaardelijke liefde in de komst van Zijn Zoon, onze Here Jezus Christus, niet zichtbaar en tastbaar geworden?
Is dat niet waar het om draait bij liefde, dat het niet slechts uitgesproken woorden zijn, maar dat onze woorden ook zichtbaar zijn in onze daden?
Is dat niet wat God ons heeft laten zien, en ons iedere dag opnieuw laat zien!
En zien we daarin niet tegelijk de diepte van Zijn liefde!

In Jezus zal niets ons kunnen scheiden van Gods liefde voor ons.
Jezus, Gods geliefde Zoon, die stierf voor onze zonden om de weg tot God weer vrij te maken.
Jezus, die zegt in Johannes 15:13 dat niemand een grotere liefde heeft voor zijn vrienden dan hij die zijn leven voor hen geeft.
En Jezus, gaf Zijn leven voor de gehele wereld, opdat een ieder die gelooft niet verloren zou gaan maar gered zal worden. (Johannes 3:16)
In Jezus is de liefde van God voor ons bevestigd, is de liefde van God voor ons zeker.
In Jezus zal niets of niemand ons ooit kunnen scheiden van de liefde van God voor ons.
In Jezus is de diepte van Gods liefde voor ons als eerste, en meest belangrijke, zichtbaar.


Lieve Vader in de hemel, ik wil U danken voor Uw onmetelijke en onvoorwaardelijke liefde.
Ik wil U danken, dat ik weten mag, op grond van Uw woord, dat niets mij kan scheiden van Uw liefde.
Ik wil U danken dat U Uw Zoon gaf voor mij.
Zoveel liefde, zoveel liefde …!
Dank U, Jezus, dat U gekomen bent en Gods liefde voor mij, voor ons, voor de wereld, zichtbaar heeft gemaakt; ja, U bent de belichaming van Zijn Liefde.
Ik bid U, Vader, dat ik, en een ieder die meeleest, dit jaar meer en meer de diepte van Uw liefde zullen ontdekken en zien, opdat het ons dichter brengt bij U, ons hart dankbaarder maakt, en wij meer van U zullen laten zien in ons leven.
In Jezus’ Naam.

- Amen -


O, de diepte van Uw liefde,
zo oneindig groot en vol van trouw,
die in de diepste dalen, of op hoogste bergen,
steeds opnieuw klinkt: Ik hou van jou!

Jezus, dat U zo Uw leven gaf
voor de wereld, ja, voor mij …
Dat te begrijpen is mij te verheven,
te wonderbaar; ik kan er niet bij.

O, de diepte van Uw liefde,
zo oneindig groot en vol genade,
dat er vergeving is voor al mijn zonden,
voor al mijn verkeerde daden.

Jezus, dat U zo Uw liefde toonde,
aan de wereld, aan mij,
Dat te begrijpen is mij te verheven,
te wonderbaar; ik kan er niet bij.

O, de diepte van Uw liefde,
zo oneindig groot en onvoorwaardelijk.
Dat ik bij U mag komen, gewoon zoals ik ben,
het is werkelijk haast onbegrijpelijk.

Jezus, dat U zo liefheeft,
de wereld, ja, ook mij!
Ik neem het aan, ook al kan ik
er met mijn verstand niet bij.

O, de diepte van Uw liefde …
Open mijn ogen, Heer en doe mij zien.
Opdat ik meer en meer in U geworteld raak
en U met volle overtuiging dien.


Gods rijke zegen voor de komende maand.
Dat ook u/jij meer van de diepte van Zijn liefde mag gaan ontdekken en zien.

Een liefdevolle groet,
Rita