‘Nader tot God, en Hij zal tot u naderen.’
Jac. 4:8a
Andrew Murray
In Christus ...
‘Nader tot God, en Hij zal tot u naderen.’
Het is een korte tekst, en ik denk dat velen hem wel kennen.
Een tekst, die zowel een opdracht als een belofte in zich draagt; een tekst die -denk ik, voor velen ook een grote bemoediging is.
Maar als ik vanmorgen de woorden van Murray ‘In Christus is God nabijgekomen’ lees en vervolgens naar het Bijbelgedeelte ga waar deze tekst instaat (-wat op zich best bijzonder is, daar ik doorgaans eerst de Bijbel lees en dan pas het Dagboek), valt mij ineens iets op, iets dat ik eigenlijk nooit in samenhang met deze tekst hoor; iets dat er toch mee verbonden is.
Misschien vinden we het wel gewoon zoiets vanzelfsprekend, dat we er geen acht meer op slaan, maar ik word er vandaag even echt bij stilgezet en kan het daardoor niet negeren.
Ik denk dat als je hoofdstuk 4 van de Jacobusbrief erbij pakt en gaat lezen, je direct zult zien waar ik het over heb.
Het gaat over strijd, ruzie, conflicten; over niet bidden of verkeerd bidden; over wereldgezindheid, welke vijandschap met God betekent; over dubbelhartigheid en kwaadspreken.
Over de Geest Die in ons woont, over God Die Zich tegen de hoogmoedigen keert, maar genade geeft aan hen die nederig zijn.
Over de oproep om ons te onderwerpen aan God, weerstand te bieden aan de duivel, de handen te reinigen en de harten te zuiveren.
En nee, dit stukje gaat niet over hen die God niet kennen, het gaat over Zijn kinderen die wereldgelijkvormig geworden zijn, of zich daaraan aan het overgeven zijn.
Tussen deze laatste dingen, het onderwerpen aan God en het reinigen en zuiveren van, staan de woorden ‘Nader tot God en Hij zal tot u naderen’.
Deels bizar, en deels zo bijzonder!
Als kind van God weten we dat zonde en God onverenigbaar zijn, dat de Here Jezus juist daarvoor naar de wereld is gekomen.
Het is immers door Zijn offer, door Zijn lijden en sterven, dat wij weer toegang hebben tot de Troon der Genade.
Liefde gaf Zich over in de dood.
Liefde overwon ’s mensheids grootste nood.
Onze zonden zijn te niet gedaan,
doordat Hij stierf en is opgestaan.
Liefde was bereid te lijden,
opdat Hij de mens kon bevrijden.
Zo bracht Liefde door lijden overwinning,
maar wanneer komt de mens tot bezinning?
Twee coupletjes van het gedichtje dat ik de vorige keer schreef, en waarin Zijn Liefde en Genade voor de zondige mens zo zichtbaar zijn.
Maar de duivel wint steeds meer terrein hier op aarde, ook in de levens van ons christenen.
Steeds meer dingen die in strijd zijn met Gods Woord en Zijn wil komen onze levens heel sneaky binnen door alles wat we zien en horen; zelfs in de kerken/Gemeenten dringt wereldgelijkvormigheid en nog erger, afvalligheid van Zijn Woord, binnen.
Wie niet zelf de Bijbel goed leest en onderzoekt, wordt meegezogen, en raakt steeds verder en verder van God verwijderd.
‘Vanwaar al die strijd en al die conflicten in uw midden? Vloeien ze hier niet uit voort: uit uw hartstochten, die in alle delen van uw lichaam strijd voeren?
…
U maakt ruzie en voert strijd, maar u krijgt niet omdat u niet bidt.
U bidt wel maar u ontvangt niet, omdat u verkeerd bidt, met het doel het in uw hartstochten door te brengen.
…
Wie nu een vriend van de wereld wil zijn, wordt als vijand van God aangemerkt.
…’
Jac. 4:1,2c,3,4b
En het ergste van alles is dat het zo geniepig en sneaky gebeurd, dat we het zelf soms niet eens doorhebben.
Ja, de duivel weet heel goed hoe hij dingen moet aanpakken; waar het ongeduld van de mens steeds meer toeneemt in een voortrazende, steeds meer eisende maatschappij, heeft hij alle geduld om op slinkse wijze de mens weg te lokken bij God.
Druk, drukker, drukst …
Telefoon, social media, sport, hebzucht -meer, beter, mooier …
Nader tot God ...
‘Nader tot God en Hij zal tot u naderen …’
In Christus is God nabijgekomen.
In Christus, in Hem Die voor onze zonden aan het kruis is gestorven, is Hij dichtbij gekomen.
‘Onderwerp u dan aan God.
Biedt weerstand aan de duivel en hij zal van u wegvluchten.
…
Reinig de handen, zondaars, en zuiver de harten, dubbelhartigen!’
Jac. 4:7,8b
‘Nader tot God, en Hij zal tot u naderen …’
Ja, door Christus mogen wij met alle vrijmoedigheid naderen tot de Troon der Genade, maar hoe belangrijk is het daarbij ook om eens stil te worden en te kijken waar we vandaag de dag staan ten opzichte van onze hemelse Vader.
Is ons leven nog in overeenstemming met Zijn Woord en Zijn wil?
Leven we meer in het vlees, of vanuit de nieuwe mens die wij in Hem zijn geworden?
Jozua zag niet op de moeilijkheden en de problemen, maar op wat God had beloofd.
Jozef gaf niet toe aan de verleiding, maar vluchtte ervan weg.
Daniël weigerde mee te gaan met de gebruiken in het land waar hij als gevangene was heengevoerd en hield zich in alles aan Gods Woord, ondanks de dreiging van de dood.
En de Heer … zegende!
De zo bekende woorden ‘Nader tot God, en Hij zal tot u naderen’ liggen ingebed tussen al deze dingen; zou God ons daar dan niet iets mee willen zeggen?
Getuigt het niet van onvoorstelbare liefde en genade dat die woorden juist daartussen liggen?
Nader tot God …
In alle stilheid nader ik tot U, o Heer,
en leg alle stemmen in mij het zwijgen op.
Zoveel excuses, zoveel ja-maars,
maar geen één blijft er nu nog rechtop.
Ik belijd U, Heer, mijn onachtzaamheid,
wat ben ik soms onoplettend geweest;
liet ik me meeslepen in voelen en denken,
in plaats van leiden door Uw Geest.
In alle stilheid nader ik tot U, o Heer,
gereinigd door het bloed van Uw Zoon.
Verlangend naar een ontmoeting met U,
kom ik aan de voet van Uw Troon.
… en God zal tot u naderen!
Het is van hieruit dat ik je nu mee kan nemen naar wat uit mijn pen vloeide met het lezen van dit hoofdstukje over ‘Christus, de nabijheid van God’ van Andrew Murray.
In Christus,
bent U, o God,
heel dicht
bij ons gekomen
en nu wacht U
op ons,
op het hart
dat verlangt ook
dichter bij U
te komen.
Nader tot Mij, zegt U,
en Ik zal tot u naderen;
Zoek Mij, en je zult Mij vinden!
Laat de wereld,
je werk, je agenda,
je telefoon, je …,
laat alles voor wat het is,
en zoek Mijn aangezicht.
Laat alles achter,
laat alles los,
voor een ontmoeting
met Mij.
Laat dat steeds weer,
ja, iedere dag,
je grootste prioriteit zijn.
Neem Mijn woord tot je,
lees en overdenk,
kauw en herkauw,
want híerin
spreek Ik tot jou.
Je zult kracht ontvangen,
bemoedigd worden,
de weg vinden
die Ik wil dat je gaat.
Kom tot Mij,
en Ik kom tot jou.
Hoe moeilijk alles ook is,
met Mij kun je het aan.
Kom tot Mij,
en Ik kom tot jou.
Mijn kind, Ik wacht
om je Mijn barmhartigheid
te bewijzen,
iedere morgen
opnieuw.
Kom, Mijn kind, kom.
Ik wacht …
Andrew Murray
Neem de tijd, Mijn kind,
neem de tijd!
>> Opwekking 854 - In de stilte
Gods rijke zegen voor de komende week
en een liefdevolle groet,
Rita
Zo mooi en zo waar! Dank je wel, het is heel rijk wat je hier weergeeft.
BeantwoordenVerwijderenJij bedankt voor je bemoedigende reactie, Yvonne.
Verwijderen