Posts tonen met het label proclameren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label proclameren. Alle posts tonen

zondag 25 februari 2024

Week 9 - Om over na te denken …
(niet) Kunnen of (niet) Willen?

Een gedachte om eens over na te denken bij de tekst die centraal stond in mijn vorige blogje.

‘Heer, ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp!’
Marc. 9:24


Als ik iets moois lees, of een gedachte in mij opkomt die mij tot nadenken stem, of waar ik nog eens over wil nadenken, dan schrijf ik het (meestal) gelijk op.
Citaten vaak in een schriftje, maar gedachten vaak op een briefje.
En zo lag er alweer een tijdje een klein briefje op mijn bureau met een gedachte die erop wachtte dat ik er iets mee zou doen, of om gebundeld te worden met andere briefjes die waren blijven liggen, en die ik toch maar niet weg kan gooien.
Vanmorgen (vrijdag 23 febr.) zag ik dit briefje opnieuw liggen en ineens moest ik denken aan de tekst die in mijn vorige blogje centraal stond en hoe ze bij elkaar passen, misschien wel bij elkaar horen
En zo voor deze week een gedachte met een persoonlijk verhaal erbij om eens over na te denken.

Huilende vrouw van Christa Rosier

Ik geloof het niet meer …
Soms kunnen we door de dingen die we in ons leven meemaken, komen op het punt waarop we soms zeggen: ‘ik geloof het niet meer; ik kan niet meer geloven dat de Heer mij ziet, dat Hij van mij houdt, dat Hij voor mij zorgt; dat Hij mij helpt; dat ik kostbaar en waardevol ben in Zijn ogen, dat …’
Uit ervaring weet ik hoe zwaar het leven soms kan zijn, en hoe het je geloof kan aantasten, ondermijnen, kan doen afbrokkelen; het je zo aan de afgrond brengt, dat dit soort gedachten in je opkomen.
Een tijdje terug werd ik bij dit soort gedachten stilgezet, en het bracht mij terug in de tijd naar het moment dat ik mij daar bevond, en ik realiseerde mij dat ik van ‘ik geloof het niet meer’ belandde bij de vraag: ‘Wil ik nog wel geloven?’
Het was echt een oprechte vraag die ik mezelf stelde, een vraag die voortkwam uit alles wat we hadden meegemaakt en waar gewoon maar geen einde aan leek te komen.
Een vraag die voortkwam uit het gevoel van ‘waar bent U dan; kan het U dan nog wel iets schelen, ziet U mij nog wel? Heer help, ik verga!’
Het nadenken over deze vraag bracht mij uiteindelijk op de plaats waar ik besefte, dat als Hij geen deel meer van mijn leven zou uitmaken, ik dan net zo goed dood kon zijn; om vervolgens tot de conclusie te komen dat ik dan de eeuwigheid zonder Hem zou moeten doorbrengen, waardoor ik automatisch terugkwam bij Hem en het ‘Ja, Heer, ik wil wel geloven maar …
Ik wil wel geloven, ik weet immers niet hoe ik zonder U moet, maar ik kan niet meer; ik zie het ook niet meer, kom mij dan toch alstublieft op de één of andere manier tegemoet.’
En dit alles deed mij de volgende gedachte opschrijven:
‘De vraag is niet: kunnen we (nog) wel geloven, maar willen we (nog) geloven? Als we willen dan komt Hij ons tegemoet om het ook te kunnen.’

Kunnen of willen …
De ultieme vraag: willen we?
Want dat brengt mij per direct terug bij de tekst waarin ik de vorige keer over schreef; bij die radeloze vader van de bezeten jongen, die tegen de Here Jezus zei: ‘Here, ik geloof, maar kom mijn ongeloof te hulp!’
Here, ik wil wel geloven, maar ik heb niet genoeg geloof.
En de Here Jezus kwam hem tegemoet, en genas zijn zoon!
Wat erg belangrijk was (zie ook vorige blogje) was het opzien naar Jezus.
Murray zei daarover: ‘Doch toen hij Christus in het gelaat keek, was hij er zeker van dat de liefde, die bereidwillig was om te genezen, ook klaar zou staan om met zijn geloof te helpen en zelfs het zwakke begin ervan in genade zou accepteren.’

Zolang ik bleef kijken naar wat er maar niet gebeurde, er maar niet veranderde; er steeds bij kwam, en hoe moe ik was enz., zag ik niet op Jezus, zag ik niet meer op Zijn liefde en kracht, zag ik niet meer dat God soms de tijd neemt, oftewel het juiste moment afwacht om hulp of uitkomst te geven.
Met de vraag of ik nog wel wilde geloven, werd mijn blik weer omhoog gericht, naar Hem Die alles vast in handen heeft, dus ook al mijn omstandigheden, alles wat er gebeurde, en gebeurt.

Misschien bevind jij je wel op dat punt van ‘ik geloof niet meer, ik kan niet meer geloven dat’.
Misschien bevind jij je wel op dat punt van waardeloos voelen, onbegrepen en onbemind, totaal niet kostbaar, niet voor mensen en ook voor God, want anders …
Dan wil ik je vragen om je blik daarvan eens weg te nemen en jezelf deze vraag te stellen: Wil ik nog wel geloven?
Kijk met het nadenken hierover eens terug naar toen je ging geloven, toen je koos voor Hem, en waarom je dat deed.
Neem Zijn Woord, de Bijbel, eens in je handen; wat betekende dit voor jou?
En hoe is alles nu?
Wat zou je nu willen?
Waar verlang je naar in je relatie met Hem?

Ik weet van mijzelf nog dat bidden en Bijbellezen gaandeweg minder werd naar mate ik mijn blik verlegde van Hem naar alle problemen en verdriet.
Opmerkingen als ‘Och, het houdt bij jullie ook niet op, hè’, -hoe goed en meelevend ook bedoeld en ook als zodanig ervaren, trokken mij in wezen alleen maar meer bij Hem vandaan, en richtte mijn blik -onbedoeld, nog meer op alle ellende in plaats van op Hem, Die onveranderlijk is, en Die bij machte is oneindig veel meer te doen, dan ik maar kan bidden of beseffen, en bij Wie alle dingen mogelijk zijn.

Onder tranen koos ik opnieuw voor Hem, vroeg ik Hem vergeving over alles wat mij op dit punt had doen belanden, en smeekte Hem om mij te helpen om weer te kunnen geloven, om mij weer iets aan hoop en kracht te geven; om mij tegemoet te komen.
Hoe het allemaal precies ging, weet ik niet meer, maar wel dat de Heer mij iets liet doen, zo heb ik dat (achteraf) echt ervaren.
Ik ervoer dat ik Zijn Woord bij de Psalmen moest openen, ze doorbladeren en elk woord van de Psalmist opschrijven waarmee ik me verwant voelde als het ging om pijn en verdriet, om strijd en ellende, moeiten en zorgen enz.
Vervolgens ervoer ik dat ik -op een ander papier, alles op ‘moest’ schrijven waarvan de Psalmist getuigde van Wie en hoe God was. 
Toen ik daarmee klaar was, ben ik alles hardop gaan voorlezen, hardop gaan uitspreken; eerst het vel met alle ‘klachten’ en daarna alle Bijbelteksten die spraken over Wie en hoe Hij is.
En met dat ik aan het lezen was over Zijn grootheid, Zijn bewogenheid, liefde en kracht, ervoer ik dat er binnenin mij iets veranderde, hoe spoortjes van licht en hernieuwde hoop mijn ziel binnenkwamen, en mij weghaalden bij die afgrond en terugbrachten bij Hem.
Nee, de omstandigheden waren nog precies dezelfde, en bleven dat ook nog voor lange tijd, maar ín mij was er iets veranderd.

Wat ik met dit alles wil zeggen?
Kéér toch terug naar God, naar Gods Woord!
Ga het weer lezen, -het liefst hardop zodat je ook hoort wat je leest.
Maar ik geloof ook dat, vooral in dit soort omstandigheden, het belangrijk is dat je het hardop doet, zodat de boze machten het ook horen, want ik ben ervan overtuigt dat ze daarmee hun greep verliezen.
Terugkijkend, geloof ik dat dat ook hetgeen was wat er gebeurde, toen ik die spoortjes van licht en hernieuwde hoop mijn ziel voelde binnenkomen.

Het doet er niet toe of jij -voor je gevoel, geen geloof meer hebt in Hem of Zijn Woord; de boze wil maar al te graag dat wij denken dat het zo is, maar als je wil geloven, dóe het dan, laat het de eerste stap weer terug zijn naar Hem.
‘Nader tot God, en Hij zal tot u naderen’, zegt Zijn Woord in Jacobus 4:8; dat is een belofte waar je op mag gaan staan!
En bid, spreek het maar uit:
‘Heer, ik geloof, -ik wil geloven, maar kom mijn ongeloof te hulp!’
Zoals de Here Jezus de vader van die jongen tegemoet kwam, en mij, zal Hij ook jou tegemoet komen.

Niet meer kunnen, of niet willen geloven …
‘Nader tot God, en Hij zal tot u naderen’,
dát is wat Hij belooft in Zijn Woord.
Niet meer kunnen, of niet willen geloven …
‘Heer, ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp’;
zie, het eerste lichtpuntje van hoop gloort.

'For thou wilt light my candle: the LORD my God will enlighten my darkness.'
Psalm 18:28
(In Nederlandse vert. vers 29)

Dat de Heer Zijn licht in jouw leven weer zal ontsteken als het duister en donker is.
Zegen en een liefdevolle groet,
Rita


👉 De afbeelding van het schilderij 'Huilende vrouw' van Christa Rosier is een foto van het canvas van het schilderij dat op mijn studeerkamer hangt, en betekent erg veel voor mij, daar er een verhaal achter zit. Het Blog waarop dit verhaal stond bestaat niet meer, maar vanaf nu is het ook >>Hier<< te lezen. 

👉 Lees >> hier<< Christa's verhaal achter dit schilderij.

zondag 29 augustus 2021

Week 35 - Wonderful, Merciful Savior

Voor deze week één van mijn favoriete liederen.
Een lied dat mij altijd heel blij maakt als ik het zing.
En dat kan ook eigenlijk niet anders, want met het zingen van het lied geven we Hem alle eer; belijden wie Hij is, en wat Hij heeft gedaan.
Loven en prijzen we Hem, aanbidden we Hem; geven we Hem de eer die Hem toekomt.
Erkennen dat Hij Degene is Die ons hoop geeft (als wij hopeloos verdwaalt zijn, de weg kwijt zijn), Degene Die heling en genade geeft (waar ons hart zo naar hongert).
Luister, lees, en ZING je weer mee?

Dat ook jouw hart vol vreugde en dankbaarheid mag worden met het zingen van dit prachtige lied tot getuigenis en eer van Hem!



      >> Wonderful Merciful Savior - Grace Larson 
      >> Tekst + vertaling 


Johannes 1:36 (+29)
‘En toen hij (Johannes) Jezus zag lopen, zei hij: Zie, het Lam van God!

Jesaja 53:5,7
‘Maar Hij is om onze overtredingen verwond, om onze ongerechtigheden verbrijzeld. De straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem, en door Zijn striemen is er voor ons genezing gekomen.
Toen betaling geëist werd, werd Híj verdrukt, maar Hij deed Zijn mond niet open. Als een lam werd Hij ter slachting geleid; als een schaap dat stom is voor zijn scheerders, zo deed Hij Zijn mond niet open.’

Openbaring 5:8-14
‘En toen Het de boekrol genomen had, wierpen de vier dieren en de vierentwintig ouderlingen zich vóór het Lam neer. Zij hadden elk een citer en gouden schalen vol reukwerk. Dit zijn de gebeden van de heiligen.
En zij zongen een nieuw lied en zeiden: U bent het waard om de boekrol te nemen en zijn zegels te openen, want U bent geslacht en hebt ons voor God gekocht met Uw bloed, uit elke stam, taal, volk en natie.
En U hebt ons voor onze God gemaakt tot koningen en priesters, en wij zullen als koningen regeren over de aarde.
En ik zag, en hoorde een geluid van vele engelen rondom de troon, van de dieren en van de ouderlingen. En hun aantal bedroeg tienduizenden tienduizendtallen en duizenden duizendtallen.
En zij zeiden met luide stem: Het Lam Dat geslacht is, is het waard om de kracht te ontvangen, en rijkdom, wijsheid, sterkte, eer, heerlijkheid en dankzegging.
En elk schepsel dat in de hemel, op de aarde, onder de aarde en op de zee is, en alles wat daarin is, hoorde ik zeggen: Aan Hem Die op de troon zit, en aan het Lam zij de dankzegging, de eer, de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid.
En de vier dieren zeiden: Amen. En de vierentwintig ouderlingen wierpen zich neer en aanbaden Hem Die leeft in alle eeuwigheid.’

Geweldige, barmhartige Redder;
kostbare Verlosser en Vriend.
Raadgever, Trooster, Bewaarder;
Geest, die onze omarming verdient.

Almachtige, oneindige Vader;
trouw en onveranderlijk.
Redder van onze zielen;
Vernieuwer van ons innerlijk.

Bij U is genade en genezing
van onze zonden en smart.
Naar U verlangt onze ziel,
ja, naar U hongert ons hart.

U verdient onze aanbidding;
dat we U loven en prijzen.
We knielen voor U neer om
U alle lof en eer te bewijzen.

Geweldige, barmhartige Redder;
kostbare Verlosser en Vriend.
Raadgever, Trooster, Bewaarder;
Geest, die mijn omarming verdient.






Filippenzen 2:8-11
‘En in gedaante als een mens bevonden, heeft Hij Zichzelf vernederd en is gehoorzaam geworden, tot de dood, ja, tot de kruisdood.
Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie van hen die in de hemel, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader.’


Gods rijke zegen voor de komende week,
en een liefdevolle groet,
Rita

zondag 28 februari 2021

Week 9 - U bent mijn schuilplaats, Heer!

Deze week wijk ik toch even af van de volgorde die ik tot nu toe heb aangehouden met Engels/Nederlandse liederen, en volgt er dus deze week opnieuw een Nederlands lied.
Opnieuw eentje die me na aan het hart ligt, maar die denk ik bij zeer velen bekend en geliefd is.
Hoewel de meesten dit lied zullen kennen vanuit Opwekking, heb ik gekozen voor de uitvoering van Rolof Mulder.


   >> Rolof Mulder – U bent mijn schuilplaats, Heer  (Opwekking 176)


‘Zeker, mijn ziel is stil voor God; van Hem is mijn heil.
Zeker, Hij is mijn rots en mijn heil, mijn veilige vesting; ik zal niet al te zeer wankelen.

Zeker, mijn ziel, zwijg voor God, want van Hem is mijn verwachting.
Zeker, Hij is mijn rots en mijn heil, mijn veilige vesting; ik zal niet wankelen.
In God is mijn heil en mijn eer; mijn sterke rots, mijn toevlucht is in God.
Vertrouw op Hem te allen tijde, volk; stort uw hart uit voor Zijn aangezicht.
God is voor ons een toevlucht.’

Psalm 62:2,3,6-8

Terwijl ik aan het nadenken ben over dit lied en de bovenstaande woorden uit Psalm 62, heb ik in eerste instantie de neiging om het daar bij te laten en alleen een gedicht te schrijven.
Immers, zeggen de woorden van de Psalm als ook het lied niet genoeg?
Maar dan ineens moet ik denken aan de kleine overdenking die ik afgelopen vrijdag binnenkreeg via *Joni & Friends ‘Submit and Resist’ 

Joni brengt mij met de overdenking en deze woorden uit Jacobus 4:7 & 8a - ‘Onderwerp u dan aan God. Bied weerstand aan de duivel en hij zal van u wegvluchten. Nader tot God, en Hij zal tot u naderen.’ - bij de vraag of ik dit lied ook zo makkelijk en vol overtuiging meezing als het leven moeilijk is; als ik ‘gebombardeerd word met handgranaten van angst, en zorgen en ongerustheid’. (Zie Devotional/Overdenking)
Ik heb geen idee wat jouw antwoord op deze vraag is, maar als ik eerlijk ben, dan moet ik bekennen dat ik het dan niet altijd kan zingen, of met dezelfde overtuiging als in tijden dat ik God heel dichtbij ervaar.

Het lied heeft een heel lieflijke melodie, makkelijk meezingbaar, maar als we de woorden diep tot ons hart laten doordringen, goed nadenken bij wat we zingen, dan komt bij mij het diepe besef binnen dat dit lied net als het lied van mijn vorige Blog ‘Ik bouw op U’ een proclamatielied is, dat eigenlijk vraagt om krachtig gezongen te worden, vanuit het diepst van ons hart.
Het is een lied waarmee we een boodschap afgeven, zowel voor onszelf, als voor een ander, als ook voor de onzichtbare wereld om ons heen.
En dit laatste brengt mij weer bij de Overdenking van Joni, bij de woorden uit Jacobus.

We weten dat de boze altijd alles op alles zal zetten om ons onderuit te slaan, ons bij God vandaan te halen, onze kracht te ondermijnen.
Zijn aanvallen komen dan ook vaak op momenten dat we kwetsbaar zijn, zoals bijvoorbeeld ’s nachts.
Dus als we ’s nachts niet kunnen slapen -wat bij Joni wel vaker het geval is, denk ik, zal hij juist die momenten gebruiken om ons te bombarderen met gedachten die ons bang en ongerust maken.
En dat haalt ze in deze Overdenking ook aan, en ze neemt ons vervolgens mee naar haar ‘korte, maar krachtige verdediging’, naar Jacobus 4:7,8a en geeft ons aan de hand van deze woorden bruikbare handvatten.

‘Onderwerp u dan aan God. Bied weerstand aan de duivel en hij zal van u wegvluchten. Nader tot God, en Hij zal tot u naderen.’

Als eerste wijst ze op het woorden ‘onderwerp je’, oftewel, geef alles over aan God.
Vervolgens wijst ze er op dat we het schild van geloof dienen op te heffen, en het zwaard van de Geest -dat is het Woord van God, moeten grijpen en de duivel weerstaan, wat wil zeggen: duw hem weg door hem op jouw beurt te bekogelen met elke geloof-gevulde belofte uit de Bijbel die je maar kunt bedenken.
En als laatste: nader tot God, de Kapitein van je redding; Hij zal elke ‘granaat’ die de duivel onze kant op gooit neutraliseren.
Daarbij moedigt ze ons aan om Jacobus 4:7,8a uit ons hoofd te leren, zodat we niet overrompelt zullen worden, maar als een goed soldaat voorbereid zullen zijn.


Nu zijn we niet allemaal in de gelegenheid om ’s nachts, als we belaagd worden door de boze, een lied als bijvoorbeeld ‘U bent mijn schuilplaats, Heer’ te zingen, maar het lied kunnen wel zachtjes in onszelf opzeggen, samen met de Bijbelverzen waar het lied op is gebaseerd, of soortgelijke Bijbelverzen.
De Bijbel staat er vol mee!
Wat mij altijd extra helpt, is als ik de teksten persoonlijk maak, zoals hieronder; probeer het ook maar eens.

Psalm 62:2,3,6-8
‘Zeker, mijn ziel is stil voor U, o God; van U is mijn heil.
Zeker, U bent mijn rots en mijn heil, mijn veilige vesting; ik zal niet al te zeer wankelen.

Zeker, mijn ziel, zwijg voor U,  Heere God, want van U is mijn verwachting.
Zeker, U bent mijn rots en mijn heil, mijn veilige vesting; ik zal niet wankelen.
In U is mijn heil en mijn eer; mijn sterke rots, mijn toevlucht is in U.
Ik vertrouw op U te allen tijde; stort mijn hart uit voor Uw aangezicht.
U, o God, bent mijn toevlucht.’

Psalm 18:2,3
‘Ik heb U hartelijk lief, HEERE, mijn sterkte.
U, HEERE, bent mijn rots en mijn burcht en mijn Bevrijder,
mijn God, mijn rots, tot Wie ik de toevlucht neem,
mijn schild en de hoorn van mijn heil, mijn veilige vesting.’


In de stilte van de nacht,
als het duister mij omringt;
gedachten en gevoelens
mij aan alle kanten belagen,
richt ik mijn aandacht op U,
want U bent mijn schuilplaats
en het zijn Uw Vaderarmen
die mij ook hier zullen dragen.

In tijden van pijn en verdriet,
van moeiten en vele zorgen,
bent U mijn toevlucht en stort ik
mijn hart uit voor Uw aangezicht.
U bent mijn heil en mijn rots;
van U is mijn verwachting.
U bent mijn veilige vesting,
op U houd ik mijn oog gericht.

Ik zal altijd blijven zingen
van Uw liefde en Uw trouw;
hoe U verlost en bevrijdt,
mij omgeeft en op mij past.
Ja, op U zal ik vertrouwen;
in Uw kracht ben ik sterk.
Ik zal nimmer wankelen,
want U houdt mij vast.

Blijf ook de komende week dicht bij Hem;
lees Zijn woord, memoriseer het
en je hebt een krachtig wapen.

Gods zegen
en een liefdevolle groet,

Rita.


* Via >> Aritha Vermeulen op Facebook kwam ik in aanraking met de Devotionals (Korte Overdenkingen) van Joni & Friends.
Iedere week vertaald zij één van de Overdenkingen en plaatst deze op haar Facebookaccount; een echte aanrader om te volgen.
Je kunt jezelf ook abonneren op deze Overdenkingen en ze zo dagelijks in je mail ontvangen.
Zie : >> Daily Devotional – Joni & Friends)


zondag 21 september 2014

Week 39 - Laat los!

Wees in geen ding bezorgd, maar laat uw verlangens in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God; en de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten bewaken in Christus Jezus.
HSV

Wees over niets bezorgd, maar vraag God wat u nodig hebt en dank hem in al uw gebeden. 
Dan zal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, uw hart en gedachten in Christus Jezus bewaren.
NBV

Filippenzen 4:6,7


Wees in geen ding bezorgd, …
‘Want ik ben daar toevallig heel erg goed in. In me zorgen maken bedoel ik. Als er iets te piekeren valt: ik ben er als de kippen bij. En als het even kan, zoek ik meteen het ‘worstcasescenario’ uit om ’s nachts lekker over wakker te liggen.’*

In deze uitspraak van de schrijfster van de overdenking herkennen velen van ons zich vast wel.
Misschien dat velen van ons van zichzelf ook wel denken, dat ze zelfs kampioen zijn als het gaat om zich zorgen maken.
Ik weet wel, dat ik dit regelmatig van mezelf heb gedacht (en soms nog denk).
Net als de schrijfster ben ik erg goed in het bedenken van ‘worstcasescenario’s’, alhoewel, het is nog niet eens zozeer bedenken, want het ‘plopt’ gewoon zo maar in mijn hoofd, daar hoef ik eigenlijk helemaal niets voor te doen.
Vooral toen onze kinderen nog klein waren en ze aan het buiten spelen waren en ik ze niet kon vinden; o, wat er dan allemaal niet in mijn hoofd omging …
Of als ze nu met de auto weggaan en ze veel later thuiskomen dan gepland; of mijn man die maar niet thuiskomt terwijl hij er al lang had horen te zijn, of …
Om nog maar niet te spreken over de tijden toen depressiviteit ons huis was binnengekomen en daarmee suïcidegedachten en –poging, en automutilatie; telefoontjes van ‘mam, ik sta bij de trein en ik heb de neiging om …’.
En wat als er ineens mensen in beeld komen die je dochter tegen je opzetten en haar bij hun in huis proberen te halen …
Zaken die minder gaan lopen en waarin je keuzes moet maken; de dreiging dat je je huis kwijtraakt en …
En zoals nu, de gezondheid van mijn man, bij wie RA is gediagnosticeerd …
Ach, zo zullen we allemaal wel in meer of mindere mate onze eigen dingen kunnen op noemen waarin zorgen ons beroofden van onze vrede, van onze nachtrust, en waar we misschien zelfs soms gedacht hebben (of denken), dat we er nooit doorheen zullen komen, en dat ze ons (straks) op kunnen vegen en opsluiten, omdat we er aan onderdoor zullen gaan.
Ik moet zeggen, ‘het wees in geen ding bezorgd’ heb ik me (nog steeds) niet eigen kunnen maken, maar ik heb wel in deze perioden het één en ander ontdekt, en geleerd, waaronder ook meer en meer loslaten (al gaat dat proces –leren loslaten- nog steeds door).


Zorgen – bezorgdheid – vrees
Net als ik de Bijbelteksten over bezorgd zijn nog eens opzoek en nalees, is het alsof God zegt: ‘Zie je, Mijn kind, Ik ken je, ik jullie mensen; Ik ken de mens. Ik weet hoe jullie in elkaar zitten en dat zorgen maken, bezorgd zijn iets is, dat met de zonde jullie leven is binnen gekomen. Daarom heb Ik deze woorden gegeven en op schrift gesteld. Ik veroordeel je niet met deze woorden, maar wil je laten weten dat Ik ervan op de hoogte ben dat het er is en Ik wil je helpen. Ik wil je in de eerste plaats laten weten dat het niet nodig is om je zorgen te maken, want Ik zorg voor je, maar Ik wil je ook laten weten wat je moet doen als je je wel bezorgt maakt.’

Ik heb grote moeite met mensen die zo simpel zeggen: je zorgen maken is zonde; je moet alles bij Hem neerleggen en daar laten. Klaar.
Met de zondeval zijn zorgen ons menselijk leven binnengekomen; dit is gewoon een realiteit.
De één maakt zich eerder en meer zorgen dan de ander, maar over het algemeen gesproken kun je gewoon zeggen dat zorgen in meer of mindere mate deel uit maken van ons menselijk bestaan.
Zelfs Paulus, van wie de Bijbeltekst voor deze week is, (er)kent dit.

2 Korinthiërs 7:5:
‘Want ook toen wij in Macedonië gekomen waren, heeft ons vlees geen rust gehad, maar waren wij in alles verdrukt: van buiten waren er conflicten, van binnen vrees.’

(De NBV en de GNB spreken van zorgen.
Zorgen, bezorgdheid, vrees, ze zeggen allemaal hetzelfde: bekommering om iets dat al dan niet zal of kan gebeuren)
Maar ook in Filippenzen 2:26 (25-28) en Galaten 4:20 wordt er over ‘zorgen maken - gesproken.

Persoonlijk geloof ik niet dat bezorgdheid of zorgen maken op zichzelf zonde is, maar dat het net als boosheid een menselijke emotie is.
Echter zoals met vele dingen het geval is, draait het om wat wij er mee doen; en dat dit hetgeen is wat tot zonde kan leiden.
Boosheid op zich is geen zonde, echter boos blijven en wat daar weer uit voort kan komen wel.
Zo is het denk ik ook met bezorgdheid of zorgen maken; op zichzelf geen zonde, maar als we er op de verkeerde manier mee omgaan, kan het wel zonde worden of tot zonde leiden.


Dat zorgen als vogels boven je hoofd vliegen dat kun je niet veranderen, maar dat ze nesten bouwen in je haar, dat kun je voorkomen.

(Uit: Valse getuige
Van: Randy Singer)


…, maar laat uw verlangens in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God; …


Loslaten
Werp uw zorg op de HEERE, en Hij zal u onderhouden; Hij zal voor eeuwig niet toelaten
dat de rechtvaardige wankelt. 
(HSV)

De last op je schouders, draag hem over aan de Heer, Hij zal voor je zorgen; wie Hem trouw is, laat Hij niet bezwijken, nooit.
(GNB)

Psalm 55:23

Werp al uw zorgen op Hem, want Hij zorgt voor u.
1 Petrus 5:7

De sleutel van loslaten -wat denk ik een proces van leren is- is naar Hem toegaan en alles aan Hem geven.
Nu weet ik niet hoe het bij jou is, maar dit vind ik wel simpeler gezegd dan gedaan.
Soms is zelfs het naar Hem toegaan al een proces van worstelen, want als ik boos ben op God (bijvoorbeeld omdat ik vind dat Hij me een veel te zwaar pakje geeft om te dragen, of te veel, of te snel achter elkaar) dan ben ik niet in staat om naar Hem toe te gaan en maar alles bij Hem neer te leggen, want in wezen geef ik Hem de schuld van wat er allemaal gebeurt, en hoe zou Hij dan iets voor mij kunnen betekenen.
Maar als dat niet speelt, dan nog vind ik het nog steeds niet zo simpel.
Het Hem alles vertellen, of dingen vragen is dan nog niet zo’n probleem, maar het bij hem laten wel.
Hoe vaak neem ik niet alles weer met dezelfde vaart terug?

Werp uw zorg op de Heer, gooi het van je af en op Hem!
Draag de last op je schouders over aan Hem!
Niet: en neem het daarna weer mee terug of weer over van Hem.
Lange tijd had ik geen flauw idee hoe ik dit toch moest doen, maar in de moeilijke jaren die achter ons liggen heb ik ontdekt waardoor ik dit toch kan.
Nee, het is niet zo dat ik nu alles heel makkelijk los kan laten, maar ik weet wel wat ik moet doen en wat werkelijk werkt.

De schrijfster van de overdenking ziet het danken uit de gegeven tekst als het aloude ‘tel uw zegeningen’ – principe, maar in die hele donkere dagen was ik vaak niet in staat om te danken, laat staan om zegeningen te ontdekken.
Ja, als ik mijn zoon weer veilig thuis had, dan was mijn hart weer vol van dankbaarheid, maar als zo’n telefoontje kwam …
In de tijd echter dat we dachten onze dochter kwijt te raken en wij soms totaal niet wisten waar zij was, of dat we juist wel wisten waar zij was, maar grote zorgen daarover ons bezighielden, heb ik echter iets geleerd, waardoor ik nu weet hoe ik kan loslaten en ook kan danken.
Makkelijk?
Nee, nog steeds niet, en soms lukt het me ook helemaal niet; het blijft in iedere situatie een keuze die ik moet maken, al ik weet nu wel uit ervaring dat het echt werkt.
Ik heb het al vaker genoemd en er ook over geschreven, maar ik vind het zo belangrijk en kostbaar, en niet alleen voor degenen die meelezen, maar ook voor mijzelf, om me dit weer opnieuw voor te houden, dat ik het weer doe.
Namelijk het proclameren of uitbidden van Gods woord.

Wat we ons namelijk heel goed moeten realiseren, is, dat als we onze zorgen op God werpen, of onze last overdragen aan Hem, er een lege plek ontstaat en de lege plek die dan ontstaat, moet wel gevuld worden met iets anders dan onze zorgen of lasten.
En waar we deze plek mee vullen bepaald hoe we verder gaan of verder kunnen.
Als we niets doen, zal alles wat we aan God gegeven hebben weer heel snel terug zijn.
Aan God geven betekent namelijk niet dat de problemen dan maar weg zijn, maar wel dat het niet meer die zware last is die we meetorsten en onder gebukt gingen.
En als we die lege plek niet vullen met Zijn woord, of met dankzegging, of beide, dan zullen onze gedachten weer heel snel terug zijn bij waar we begonnen en zullen we vermoeid en belast onze weg voort gaan.

Dankzegging en proclameren, - voor mij werkt dit in tijden van zorgen, pijn en verdriet vaak in omgekeerde volgorde- haalt onze aandacht af van de zorgen en moeiten, van onze angsten en vrees, en richt ze op Degene, Die alles vast in handen houdt en iedere dag voor ons zorgt.
Zijn woord proclameren of bidden, brengt ons bij wie Hij is, bij Zijn beloften, bij Zijn woorden van bemoediging en troost.
En door deze woorden hardop uit te spreken, snij ik als het ware de elastieken draden die aan alle zorgen vastzitten, door, waardoor ze bij God blijven en ze niet als weer met dezelfde vaart terugspringen in mijn hoofd.

Op deze manier loslaten wil niet zeggen dat het me niet interesseert, of dat als het gaat om zorgen om hen die me zo lief zijn, dat ik niet genoeg van hen houd, nee, het is eerder het tegenovergestelde.
Juist omdat ik van hen houd, is dit het beste dat ik kan doen, omdat ik hen leg in de handen van Degene die er echt iets aan kan doen.
Loslaten en in Zijn handen leggen is overgave, is erkennen dat ik het zelf niet kan en Hem zo vreselijk hard nodig heb.
Loslaten en in Zijn handen leggen, is geloven dat Zijn woord ja en amen is, dat Hij betrouwbaar is.
Loslaten en in Zijn handen leggen, is vertrouwen op Zijn liefde en genade.
Loslaten en in Zijn handen leggen, is geduldig wachten op wat Hij gaat doen.

Nee, dit wil niet zeggen dat alles zal gebeuren zoals ik het graag wil en op het tijdstip dat ik het wil.
God is God, de Schepper van hemel en aarde, de Almachtige, de Ene, de Ik ben, die Ik ben, Jaweh.
Maar één ding mag ik zeker weten, dat Hij me in alles nabij is, me de kracht zal geven die ik nodig heb, en alles zal uitwerken zoals het het beste is.
Geloof en vertrouwen is al dat Hij van mij vraagt.


Lieve Vader in de hemel, wat zult U ongetwijfeld vaak Uw hoofd schudden omdat ik me weer zoveel zorgen maak.
Toch hebt U zoveel geduld met mij, houdt U zoveel van mij, dat U niet stopt of ophoudt met mij op allerlei manieren te laten zien dat U te vertrouwen bent en dat het allerbeste dat ik kan doen is steeds opnieuw al mijn zorgen bij U brengen.
U zegt het in Uw woord, U legt uit waarom, en U wacht steeds weer geduldig op mij tot ik kom.
O, lieve vader, dank U wel voor Uw liefde en geduld!
Boven alles wil ik U bedanken voor wie U bent en voor wat U allemaal voor mij en mijn gezin doet.
Hoe U ons omgeeft en vasthoudt.
O ja, er zijn een heleboel dingen die ik graag anders zou zien, en ik blijf er om bidden, maar ik wil het ook loslaten en erop vertrouwen dat U weet wat het beste is en ook wil ik mij voegen naar Uw plan.
Ik hou van U, Heer, en hoewel alles in mij soms wrikt en wringt aan vrees en vragen, toch geef ik mij en mijn wil over aan U.
Ik bid U zo, lieve Vader, ook voor hen die door alle moeiten, vrees en zorgen, het leven haast niet meer zien zitten of aankunnen.
Zorgt U alstublieft voor hen, zoals U ook voor mij hebt gedaan en doet, en toon ook aan  hen wie U bent.
Toon hen, maar ook aan mij als ik het vergeet, dat door op U te vertrouwen er vrede in ons hart kan zijn te midden van de stormen van het leven, en hoop en uitzicht te midden van alle onrust en onzekerheden.
Ontferm U, Vader, ontferm U en wees ons genadig.
In Jezus’ Naam.

- Amen –







Vertrouw MIJ!

Vertrouw Mij, Mijn kind,
vertrouw en geloof
dat Ik voor jou zal zorgen.

Leg alles wat je hart
zo bezwaardt en bezighoudt
in Mijn handen en vul je opnieuw met
mijn woorden van troost en kracht.

Laat Mij toch je lasten dragen,
tob toch niet langer voort.
Zie op Mij, op wie Ik ben;
kom en laat los; Ik wacht.

Vertrouw Mij, Mijn kind,
vertrouw toch en geloof
dat Ik voor je zal zorgen.


Gods rijke zegen voor de komende week 
en een liefdevolle groet,




* Citaat kalender


Het is weer een heel lang stuk geworden, maar ik wil toch ook nog graag enkele linken er aan toevoegen die, denk ik, de moeite waard zijn om ook te lezen.

* Loslaten

* Vertrouwen voor angstige dagen
(Vernieuwd blogje, daar het andere domein niet meer bestaat)

* De last op je schouders

* Je binnenkant versterken